Via Melbourne naar Sydney

1 augustus. We staan vroeg op om de laatste dingetjes te regelen voor we naar Melbourne gaan. Om extreem spitsuur in de badkamer te voorkomen laten we de schoolgaande kinderen voorgaan. In de hoop misschien leuke souvenirtjes te kopen, wordt een bezoek gebracht aan één van de vele kringloopwinkels die Australië rijk is. Behalve tweedehands worden hier ook restpartijen uit winkels verkocht maar helaas niets voor ons. Als de auto voorzien is van de nodige brandstof rijden we richting Melbourne. Op de highway waar 100 km/h gereden mag worden mogen ook fietsers rijden, sterker nog de vluchtstrook is voorzien van fietspad tekens. De buitenwijk waar wij gaan overnachten is Altona, hier staat het huis van Don, ons volgende Couchsurfadres. Aangezien hij nog aan het werk is, parkeren we de auto en gaan met de trein naar het centrum van Melbourne. Door de ramen van de trein ziet Melbourne er oud, achterstallig en graffitiachtig uit. De trein zelf is ook beklad en de ramen zitten onder de krassen. Eenmaal in de stad valt het mee. Het grote informatiebureau op het Federation Square voorziet ons van een aantal wandelroutes door de stad. Via allerlei laantjes met cafés wordt gelopen naar de bekende Victoria Market, helaas geen markt op maandag en woensdag. Die zetten we dan maar voor morgen op de planning. We lopen terug naar het beroemde Flinderstreet Station en kopen een lekker Mac Muffin voor onderweg. De terugreis duurt door het overstappen wat langer en het valt ons op dat fietsen mee in de trein mogen, óók in de spits. We pikken de auto op en rijden naar het huis van Don. Hij is een Nieuw-Zeelandse Canadees die leeft in Australië. Na een korte kennismaking geeft hij ons nuttige informatie over Melbourne, Auckland en ook over Canada. Dan is het hoog tijd om te gaan slapen in ons grote tweepersoonsbed.

2 augustus. We blijven wat langer liggen en gaan dan weer op weg naar Melbourne City voor een tweede poging Victoria Market en nu is er volop bedrijvigheid. De markt is vrij groot en er is van alles verkrijgbaar. Groente en fruit in alle soorten. Een hal met vlees maar in tegenstelling tot Azië geen varkenskoppen en bloederige taferelen. Er zijn stalletjes met broodjes, kaas en andere lekkernijen. En tenslotte is er een grote hal met vooral veel kleding en souvenirs. Dit gedeelte van de markt is niet alleen groot, maar ook rommelig. We houden de markt voor gezien en verplaatsen ons naar het Olympisch park. In dit gebied staan een aantal stadions, maar is het vooral bekend doordat hier ieder jaar de Australian Open getennist wordt. We bezoeken de Rod Laver Arena, waarin het centre court zich bevindt. Borden met ‘greetz’ van de spelers, alle winnaars met foto’s van de afgelopen 23 jaar en zo nog meer.

  

Al met al kunnen we ons er een poos vermaken voor we het pand weer verlaten. We gaan de landelijke hamburgertest uitvoeren bij de McDonald’s een hamburger met 100% Australisch beef. Het is wel een klein burgertje in vergelijking met het normale Mc broodje maar ook erg lekker. We maken nog een ritje met de Circle Line tram. Een antieke tram die elke twaalf minuten een rondje door het centrum van Melbourne maakt. In de gratis tram wordt toeristische informatie verteld en maakt deel uit van het gewone openbaarvervoer netwerk. Met de trein gaan we daarna terug naar Altona. Als avondeten besluiten we een heerlijk Kebab te halen. Een erg lekkere beslissing! ECHTE Australische lamskebab met zelfgemaakte knoflooksaus, wat sla, tomaat en ui zorgt voor een zeer gevuld broodje! Eenmaal thuis halen we bij Don een aantal Canadese reisboeken uit de kast en vragen hem om de nodigde tips over dit grote land. Pas rond 23.00 uur gaan we een heleboel wijzer naar bed.

3 augustus. Vandaag wat vroeger uit de veren. Eerst eens de email opgeschoond en verder gewerkt met de informatie over Canada voor we ons weer richting de stad van Melbourne verplaatsen. Er wordt een extra stop ingelast om de West Gate Bridge te fotograferen.

  

Deze tuibrug overspant de Yarra rivier over 336 meter en hangt 50 meter hoog. Eenmaal in de stad verplaatsen we ons naar het uitzichtdek op de 88e verdieping van het Eureka gebouw. Tegen studententarief en met het tweede kaartje gratis komen we op 300 meter boven de grond terecht en genieten we van het uitzicht over de stad. Doordat het nagenoeg onbewolkt en zonnig is kunnen we ver kijken. Het open gedeelte is erg winderig en een belevenis op zich. Alle losse onderdelen zoals zonnebrillen en cameraonderdelen worden dan ook zorgvuldig opgeborgen.

Na een uurtje houden we het voor gezien en gaan met de lift in 40 seconden weer naar beneden. We shoppen een poosje door de La Trobe Street, een van de leukste straten van Melbourne. Dan pakken we na een KFCtje, een gloednieuwe tram naar de St. Kilda Pier. Op het uiteinde van deze pier is een broedplaats voor pinguïns. Elke avond komen tientallen pinguïns thuis om de kleintjes te voeren en dan onder de rotsen de nacht door te brengen. Pas als het na een prachtige zonsondergang goed donker is, komen de eerste kleintjes nieuwsgierig uit de holletjes tussen de rotsen gekropen en de ouders uit het water om te voeden. Helaas is het dan wel te donker om mooie foto’s te maken. Flitsen is namelijk niet toegestaan om de dieren niet te veel te storen. Blijkbaar willen mensen dit niet altijd snappen want een aantal doet het toch, waar wij ons flink aan storen. Pas als we een stuk of dertig pinguïns gezien hebben vinden we het genoeg en gaan we terug naar Altona. Hier praten we nog wat met Don voor we onder de warme deken duiken. 

 

04 augustus. Via de West Gate Bridge en de highway M1 verlaten we Melbourne. Om de tolpoortjes te omzeilen rijden we nog een stuk door de stad op de oude Princess Highway en rijden dan aan op Dandenong. De bedoeling is om vandaag richting Brainsdale te rijden en onderweg een paar keer te stoppen om een wandeling te maken. We laten Philip Island rechts liggen aangezien we al pinguïns gezien hebben en stoppen pas weer in Wonthaggi om een bezoek te brengen aan het toeristenbureau. Achter het toeristenbureau blijkt een openluchtmuseum te liggen. Hier is een oud mijndorpje nagebouwd compleet met voorzieningen, treinstation en gerestaureerde trein. De toegang is gratis en we nemen even een kijkje. In sommige winkels zijn producten te koop, bij het atelier wordt de wol nog met spinnenwiel gemaakt en de wielsmederij is overcompleet. Er blijkt een gereedschap demonstratie te zijn waar we even blijven kijken. Er zijn twee schoolbussen met kinderen in het park. Zij krijgen les van een docent in oude klederdracht en dit is erg leuk om te zien. Het dorp was zeker een bezoek waart. Met een omweg rijden we naar Fish Creek. Verschillende gebouwen in dit dorp hebben een vis op het dak liggen of hebben iets met “vis”. Ons speciale doel in dorp is echter niet de vis, maar een pub die afstand hiervan genomen heeft en volledig met zwart/witte koeien is ingericht. De naam van deze kroeg is Flying Cow. Helaas hebben we pech, op donderdag is de kroeg dicht en laat het vandaag precies deze dag van de week zijn. 

Dan maar door naar Foster, aangezien het tegen vieren is informeren we bij het informatiekantoor naar geschikte slaapplaatsen tussen hier en 100 kilometer verder. De slaapplaatsen zijn schaars en erg duur. Aangezien we morgen naar een park in de buurt willen blijven we in Foster en gaan naar het plaatselijke jeugdhostel. We krijgen een code van de achterdeur en de eigenaar komt na zijn werk naar het hostel om af te reken. Makkelijke bijverdienste voor hem aangezien we hem de rest van de avond niet meer zien. Het hostel is verder wel schoon en met de kachel maken we het behaaglijk warm. We verkennen de winkels in het dorpje en Erwin maakt van de gelegenheid gebruik om de erg lang geworden haren te laten kortwieken. De betaalde 15 dollars zijn een record maar het werk wordt netjes afgeleverd. We trakteren ons zelf op goed vullende zelfgemaakte kangoeroeburgers in de keuken van ons hostel. Na het zoeken van wat nieuwe Couchsurf plaatsen gaan we naar bed.

05 augustus. Om 7.00 uur ‘s ochtends staan we op. We willen vandaag een flinke afstand gaan maken en ook nog een wandeling door het Tarra-Bulga nationale park gaan maken. Net als we wegrijden krijgen we een rood dashboard lampje wat ons waarschuwt dat er iets mis is met de airbag of de gordels. Aangezien we dit gisteren ook meermaals hadden lijkt het ons verstandig even met de serviceafdeling van het verhuurbedrijf te bellen. Dit doen we dus ook niet meer. We mogen niet meer rijden met de auto en moeten wachten tot de Australische wegenwacht gekeken heeft naar het mankement. Aangezien wij ons in een plattelandsdorp bevinden duurt het gemiddeld een uur voordat er pech hulp is. Dag planning! We beslissen om van de nood een deugd te maken en de heuvels rondom het dorp te verkennen. Als we na een uur terugkomen bij de auto is er nog geen wegenwacht. We duiken daarom maar bij de plaatselijke bakker naar binnen en troosten ons met warme choco, thee een donut en een tropische tompouce. Op het moment dat we nog een keer bellen komt de gewenste service net aanrijden. Na het uitleggen van het probleem, is het eerste wat de monteur doet onder de bestuurderstoel kijken. Binnen de minuut wordt de oplossing gevonden. Een gevallen sinaasappel ligt tegen een signaalkabeltje van de airbag aan en veroorzaakt de storing. Wij snappen nu ook waarom bij een heuvel het lampje even uit ging, sinaasappels zijn rond… Pfff leuk hoor auto-elektronica. Afijn ruim anderhalf uur na het belletje kunnen we eindelijk aan ons programma beginnen en kunnen we het parkbezoek vergeten. Zonder te stoppen rijden we over de Gippsland Highway naar Sale. We zien voornamelijk veel uitgestrekte weilanden, veelal gevuld met grote koeien. Het bosrijke deel wat passeren zit blijkbaar vol met kangoeroes en ander wild. Dit is te tellen aan het tiental zeer stil liggende kangoeroes, de twee vossen, een aantal wombats en een kaketoe in de berm van de weg. In Sale wordt een korte pitstop gehouden om te tanken en om gecrashte insecten van de voorruit te boenen. Het volgende deel is niet heel boeiend, vooral lang en veel van hetzelfde. Rond twee uur arriveren we in Lakes Entrance. Dit kustplaatsje is bekend om zijn vele meren die in verbinding staan met elkaar en met de oceaan. Aangezien ook in Australië het weer van slag af is en in tegenstelling tot koud en regenachtig, lekker droog en warm is, gaan we even naar het strand. Hier genieten we van een broodje kaas met ei en sla creatie en het uitzicht over de oceaan.

De walvissen laten het afweten maar we hebben geluk met ander wild. De mierenegel, een familielid van de egel komt het strand opgelopen. Bijna drie keer zo groot als een gewone egel is het een imposante vertoning. We hebben mazzel en krijgen de tijd om een foto te schieten voordat het exemplaar weer in de duinen verdwijnt, waarschijnlijk om zijn dag slaapje te hervatten. Het volgende wild is een reusachtige pelikaan met een spanwijdte van bijna twee meter, ook mooi om te zien. Met al dat wild vliegt de tijd en we moeten verder aangezien we nog een stuk te rijden hebben voor het donker wordt. We stoppen nog één keer om een informatiecentrum te bezoeken, een hotel te boeken en boodschappen te doen. De zonsondergang is met een knaloranje zon op het rode gesteente meer dan prachtig en vanuit de auto genieten we hiervan. Het is al bijna donker als het terrein het Cann River Hotel wordt opgereden. Het hotel is charmant oud, de vloerbedekking is verschoten en het stof hangt aan de lampenkappen. Jammer dat de openhaard niet aan kan, want het is best fris binnen. Het raam van onze kamer zit vlak aan de doorgaande weg zodat we af en toe de auto’s voorbij horen razen. Verder hebben we de hele verdieping van het hotel voor ons alleen.

06 augustus. Als we wakker worden tikt de regen tegen het raam van onze hotelkamer. Na al die mooie dagen kon het ook bijna niet anders. Gelukkig, onze auto heeft een dak en we moeten veel rijden. Al na een kwartiertje rijden springt het rode dashboardlampje weer aan wat aangeeft dat er iets niet in orde is met de airbag of de gordels. Er wordt gestopt op een parkeerplaats langs de weg. We rommelen wat aan de kabeltjes onder de stoel, want de sinaasappel van gisteren is opgegeten en kan het probleem dus niet veroorzaken. Het lampje gaat weer uit. Yes, wij kunnen ook auto elektronica repareren! Helaas nog geen halfuur later springt het *#@-lampje weer aan en we moeten er iets aan laten doen. We passeren de grens met New South Wales en in Eden, de eerste grotere plaats van deze staat, wordt het toeristencentrum bezocht. We maken ook gelijk even vanuit de auto gebruik van de wireless internetverbinding van, tsja geen flauw idee eigenlijk, maar het werkt. Wij hebben wat geld aan Koen gegeven om een opdracht te maken voor zijn vader Bertus. Hij moet met de familie van Erwin mee naar Ouwehands dierenpark en op verschillende plaatsen foto’s van zichzelf laten maken. De volgende gang wordt naar een garagebedrijf. Even kijken of ze weten wat er aan hand is. Helaas geen monteur, het is zaterdag! We rijden door naar de eerste de beste grotere plaats, dit is Narooma. Hier bellen we nog maar een keer met de pech hulp. Deze keer hoeven we maar een halfuurtje te wachten voor de monteur komt. Dit dorp heeft behalve regen, een supermarkt, bakker en informatiecentrum niet veel extra’s te bieden en zijn dan ook blij met de snelle komst. Ook deze monteur rommelt onder onze stoelen aan de bekabeling van de elektronica. Er blijkt een lamme stekker of iets dergelijks te zitten want plotseling gaat het lampje weer uit. We kunnen na een uur vertraging weer verder naar Batemans Bay. Bij het inrijden van de stad is er blaascontrole van de politie. 

 

Rhianne is de pineut om te mogen blazen. Aangezien ze zo ongeveer alcoholgeheelonthouder is, is een okay geen probleem en al snel mogen we weer verder. We beslissen nog driekwartier door te rijden en dan net voor het donker een plek voor de nacht te zoeken. Dit wordt in Ulladulla. Aangezien het informatiecentrum dicht is rijden we naar het enig hotel wat het dorp rijk is. De kamer is wat duur maar we worden netjes doorverwezen naar een backpackershuis. Helaas deze is gesloten en de twee andere motels zijn alleen maar duurder. We beslissen terug te gaan naar het hotel. Net als we willen boeken verteld de eigenaar, dat er een feest gehouden wordt vanavond met muziek tot 2.30 uur. Pfff, 70 dollar en dan een nacht slecht slapen is niet echt de bedoeling. Daarom rijden we naar het campingpark voor een caravan, deze is bijna 100 dollar en dus ook niet de bedoeling. We hebben de keuze gemaakt. We gaan vanavond voor de Hotel Holden Barina, oftewel onze huurauto. We vragen een campingplaats voor een tent en voor 25 dollar zijn we klaar. Door de grote besparing is er ruimte om te eten bij de plaatselijke Vietnamees. Lang geleden die nasi en loempia’s. Daarna maken we een rondje door het dorp om een draadloze internetlijn op te pikken. Helaas goed beveiligt overal. De McDonald’s, waar we heen gaan voor een toetje, blijkt echter Wi-Fi te hebben. Onder het genot van een reuze Sunday met warme chocosaus wordt de email gecheckt. Met een volle buik gaan we terug naar de camping waar we de auto een prominent plekje geven op het tenten veld. Behalve een camper is het veld verder verlaten. Met een halfuurtje staan de stoelen in lig stand, zijn de tanden gepoetst en zijn we volledig geïnstalleerd in een slaapzak. Welterusten!

07 augustus. De auto sliep beter dan verwacht. Het draaien was wat lastig aan stuurzijde en ‘s nachts nog even opgeschrikt door een harde knal. Na een moment genieten van de sterrenhemel, heerlijk zo’n tent met grotendeels ramen, vallen we weer in slaap. De haan en de kakatoes zijn er al vroeg bij en we worden dan ook op tijd gewekt door hun gekwetter. We zien de zon als oranje bal opkomen boven de baai en maken ons klaar voor vertrek.

  

De eerste stop is in Nowra, bij het grote toeristenbureau vragen we de route op om in Sydney de auto in te leveren. Aangezien we nog een aantal highlights willen zien langs de kustroute bellen we met het verhuurbedrijf om te vragen of we de auto wat later mogen inleveren. Geen probleem en dus gaan met ons rijdende hotel rustig aan verder. We stoppen even bij de Sea Cliff bridge. Deze is gebouwd omdat de oude weg langs de kliffen regelmatig versperd was door vallende stenen. Waarschijnlijk is hier iemand ooit begonnen met een hangslot om een spijl van de brug te doen, want nu hangt om elke spijl van het hek een slot en daar waar de spijlen te dik zijn hangen grotere sloten of een ketting. Nog steeds worden de sloten aangevuld als iemand getrouwd is, overleden is of gewoon hier geweest is.


Al een 30 kilometer voor Sydney merken we op de weg dat het drukker wordt. De weg is veelal drie baans, maar op de binnenste baan mag ook geparkeerd en gefietst worden. Niet echt een soepele doorstroming dus. We gaan noodgedwongen een stukje door de toltunnel die onder de stad door loopt. Een duur grapje want voor een paar honderd meter moeten we Aus$5,50 betalen. Nog even pinnen en tanken voordat we de auto in kunnen leveren, maar waar? Net voordat we bij het verhuurstation zijn zien we een pinautomaat. Dat is deel één. We vragen waar we kunnen pinnen en krijgen een netjes uitgewerkt blaadje mee. Blijkbaar zijn er meer mensen met deze vraag… In de chaotische stad qua wegen, lukt het ons niet om het lijntje van de route te volgen. We komen uit in hartje centrum. Na even puzzelen op de kaart heeft Rhianne ontdekt waar we zijn en vinden we het tankstation alsnog. Hebben we de sightseeing ook alvast gehad. Volgetankt rijden we terug naar het verhuurstation. Als de Barina voor de laatste keer wordt uitgezet hebben we 2878 kilometer gereden in 18 dagen. Net als we de laatste spullen pakken barst er een flinke bui los. Snel onder het afdakje verder inpakken. Dan blijken we toch meer verzameld te hebben dan we dachten. Ons volgende doel wordt om een plekje te vinden voor de nacht. Aangezien alle McDonald’s restaurant in Australië Wi-Fi hebben gaan we hier even zitten. We kunnen namelijk vanavond korfballen, alleen niet blijven slapen. Als we bellen blijken we wel in de buurt bij de korfbalhal te kunnen slapen maar we moeten opgepikt worden bij een station omdat er slecht openbaar vervoer in dat deel van de stad is. We moeten dan wel opschieten. Helaas zijn er werkzaamheden en worden we naar een verkeerd station toegestuurd door een loketbediende. Als we deze fout ontdekken is het te laat om nog te gaan korfballen en moeten we dus plannen switchen. Via een toeristenbureau in de stad regelen we alsnog een kamer. Eenmaal in het hostel, blijkbaar gespecialiseerd in massa’s feestende toeristen blijkt de kamer te stinken naar zweet en het matras hard. Dit lijkt echt een bugdag te worden. We gaan maar eten halen in een supermarkt en dan koken. Ook dit blijkt een extra uitdaging. De keuken is vies en er zijn bijna geen pannen en bestek. Uit eindelijk creëren we nog wat lekkers. De kamer stinkt nog steeds en we vragen om een andere. Tot onze verrassing krijgen we een eigen kamer. Toppie! Erg moe gaan we slapen.

  

08 augustus. Een groot pluspunt aan onze upgrade is dat we een schoon ensuite badkamertje hebben met heerlijke douche. Helaas blijkt een nachtje verlengen erg prijzig en niet te staan tot de prijskwaliteit verhouding. We beslissen dan ook een ander hostel te zoeken. Bij de McDonald’s zoeken we via internet naar een nieuw hostel. We werken ook gelijk de administratie en de verslagen bij en zoeken informatie over onze Canada trip. Aangezien we niet tegelijk kunnen computeren verkennen we om de beurt de stad. Als de accu leeg is gaan we naar Kings Cross, hier zitten een heleboel backpackers hostels bij elkaar. Onze eerste keus blijkt vol te zitten en de tweede heeft plek. We krijgen een vier bed dorm waarbij alleen de ook hier de matrassen erg hard zijn. Terwijl Erwin een uiltje gaat knappen, leest Rhianne even een uurtje reisverslagen. In de grote supermarkt van de buurt halen we ons avondeten. Ook deze keuken blijkt niet grandioos te zijn. De pannen hebben kapotte handvaten en er staat een hoop vuile vaat. Toch lukt het ook hier weer om een lekkere maaltijd te bereiden. Na de computer nog eenmaal deze dag vermoeid te hebben gaan we slapen.

09 augustus. Wat was dat bed ontzettend hard, de veren stonden zo ongeveer in het lichaam en daar konden de slaapzak en extra lakenzak niets aan veranderen. Vooral de rug van Erwin vond het minder fijn. Eerst maar eens andere matrassen gevraagd voor we het hostel verlaten om Sydney te ontdekken. We verplaatsen ons met de trein naar Bondi Junction. Hier zijn een aantal leuke winkels. Erwin koopt een nieuw vest aangezien drie weken dezelfde trui achter elkaar aan wel erg veel van het goede is. Rhianne koopt voor 64 AUSdollar een nieuwe afritsbroek aangezien de vorige door het reizigers dieet veel te groot is geworden en verpest is door penneninkt. Ze krijgt wel extra korting doordat ze de klant voor haar met afrekenen om zijn klantenpas vraagt. Goed zo! We gaan door naar Bondi Beach, het fameuze surfstrand van Sydney.

 

Precies als we aankomen, breekt de zon door en is het heerlijk vertoeven. We trakteren ons op een picknick op het strand met een zelfgemaakt stokbroodje zalm. Er wordt volop gesurft op de hoge golven. Het zwembad aan de rand van de zee waar de golven inslaan is ook mooi om te zien. Na een fotosessie op z’n kop verlaten we het strand en gaan met de trein terug naar de stad. Er wordt een souvenirshop met opheffingsuitverkoop bezocht en weer een muziekinstrument tegen een goede prijs rijker. Ditmaal is het een didgeridoo, een blaaspijp van de Aboriginals. We bezichtigen nog even de mooie, maar veel te dure winkels in het Queen Victoria Building. Dit gebouw staat voornamelijk bekend om zijn mooie glas in lood en twee antieke klokken waarvan er één een ronddraaiende boot heeft.

  

Met zonsondergang wordt een bezoek gebracht aan de ”nieuwbouwwijk van Sydney” Cockle Bay. Als we hier een rondje gemaakt hebben gaan we terug naar het hostel.

10 augustus. Het nieuwe, dikke matras heeft veel beter geslapen en de wekker gaat eigenlijk te vroeg. Maar we moeten vroeg opstaan want we willen naar de Blue Mountains. Hiervoor moeten we twee uur met de trein. De hemel is strakblauw en het zonnetje schijnt volop, heerlijk die Australische winter. We kopen gewoon kaartjes op het station aangezien de toertjes veel te duur zijn geprijsd. Even na negenen vertrekken we vanaf het grote centrale station in Sydney. Gaan we eerst nog vlak door allerlei buitenwijken van Sydney, halverwege wordt het landschap heuvelachtiger en op bestemming zijn we omringd door bebost laaggebergte, overwegend Eucalyptusbomen. We zijn nu in Katoomba en op de achtergrond zien we de Jamison Vallei liggen. De tassen worden afgedropt in het plaatselijke jeugdhostel en we krijgen een plattegrond mee voor een wandeling door de omgeving. De eerste opgave wordt de Prince Henry Cliff Walk. Dit goed aangelegde pad ligt hoog boven de vallei en er zijn meerdere mooie uitzichtpunten. Het is ook een goed pad om vogels te spotten. We zien meerdere fel gekleurde papegaaien, witte kakatoes en andere piepkleine vogeltjes. Aan het einde van deze track wacht het “Echo Point”. Hier is een bezoekerscentrum en uitzicht op The Three Sisters, wederom een stukje werelderfgoed wat we bezoeken. Als we aankomen is het wat bewolkt geworden en is de wind een stuk aangewakkerd. Voor een mooie foto met zon moeten we dan ook even kou lijden.

 

Natuurlijk wandelen we even naar de rotsformatie toe om plaatst te nemen onder een uitstekend stuk van één van de rotsen. De wandeling langs de rotsformatie over de 900 treden tellende Giant Stairway is vooral lang en bijna geen enkele afstap is het zelfde. Via het Federal Pass looppad gaan we richting de oude mijn waar ook de trein omhoog is. Alleen halverwege dit pad zijn we al ruim drie uur onderweg terwijl gezegd was dat het totale traject ongeveer drie uur zou duren. Maar we hebben meer dan genoeg tijd om ons gemak de voormalige mijn aan de buitenkant te bekijken en nog wat foto’s te schieten. We hebben namelijk voor Koen een Australische vlag gekocht en deze moest natuurlijk regelmatig door Erwin geshowd worden. Het treintje langs de klif omhoog is ook een belevenis. Het is niet lang, maar wel de steilste trein ter wereld met stijgingspercentages tot 52 graden. Het komt uit bij het tweede visitorcentrum van de Blue Mountains. Als we hier hebben rondgekeken gaan we terug richting het hostel. Er is een stuk van de wandelroute afgesloten door een grondverschuiving en omgevallen bomen maar heel erg vinden we het niet want het is flink afgekoeld en zijn aardig moe aan het worden. Nu is het makkelijker om de shortcut naar het hostel te nemen. Bij de Aldi om de hoek halen we een lekkere opbaklasagne die we willen opwarmen in de in de oven. Naast een beetje warmte komt er vooral veel rook uit de oven en we beslissen de lasagne maar in de magnetron te verwarmen. Lekkerder dan verwacht eten we de oven (red. Lasagne) bij de warme haardkachel op.

11 augustus. We hebben heerlijk geslapen in onze warme kamer waar ook nog twee andere Nederlanders zijn komen slapen. Na een warme douche, een prima ontbijt met Australische custard, toastjes en crumpets checken we uit en gaan in de gezellige eetzaal zitten. We checken de email en zoeken de foto’s van de laatste dagen uit. Dan gaan we het dorp Katoomba verder bezichtigen. Behalve een paar winkels stelt het niet bijzonder veel voor en binnen het uur zijn we dan ook terug in het hostel. We beslissen nog een paar uurtjes te besteden aan het voorbereiden van de Canada en Amerika trip voor we met de trein teruggaan naar Sydney. 

Hier pakken we een bus richting Maroubra Beach waar Benny woont. Zijn huis is ons volgende Couchsurfadres, iets wat wij niet meer verwacht hadden in Sydney. Gelukkig biedt Couchsurfing ook de mogelijkheid aan om via een forum last minute Couch te regelen en dat is nu gelukt. Benny staat ons op te wachten bij de bushalte en de chauffeur is zo vriendelijk om ons vlak bij het huis af te droppen. Dat scheelt zeker een kilometer lopen met de iet wat zware tassen. De plaats waar we te gast zijn is het beste te vergelijken met een opslagloods in verhuisstand maar wel overal vloerbedekking. Een beetje vreemde binnenkomst, maar wel heel hartelijk. We ontmoeten een andere couchsurfster, Wendy uit Praag. Ons bed staat midden in de woonruimte vlakbij de TV. Tijdens het eten van de instant noedels gaat de film Eight Below op en die kijken we onder een warme slaapzak. Na de film skypen we nog even met het thuisfront.

12 augustus. Een beetje hard was het bed wel, maar verder hebben we goed geslapen. Rond 10.00 uur vertrekken we met de bus richting de binnenstad. Het is vandaag nogal regenachtig en we twijfelen tussen een museumbezoek of droog blijven in de winkels. Onze keuze valt op de winkels. We zien een modelbouwwinkel, diverse boekwinkels, souvenirshops en allerlei andere winkels. 

Speciaal voor Koen brengen we een bezoek aan het drie verdiepingen tellende pand van Apple, bijna helemaal uit glas opgetrokken. Een prachtige winkel. Aangezien het nog steeds niet droog is wordt ook een bezoek gebracht aan Paddy’s Market. Deze markt is onderdeel van Chinatown en voornamelijk gevuld met kleding, souvenirs en andere goedkope spullen. Als we de markt verlaten zijn de souvenirs binnen. Aangezien de middag grotendeels voorbij is en het eindelijk droog is, beslissen we de zonsondergang te kijken bij de Harbourbridge en het Operahouse. Een echte aanrader. We skypen en dineren vanavond bij de McDonalds en gaan dan met de bus terug naar Maroubra.

13 augustus. We gaan wat later de stad in aangezien we eerst moeten uitzoeken hoe we morgen op het vliegveld gaan komen en we een pakketje gemaakt hebben. We hebben namelijk wat meer (zware) souvenirtjes verzameld dan de bedoeling was en Nieuw Zeeland heeft een streng import beleid. Bij de plaatselijke supermarkt regelen we een doos die eerst leeggehaald moet worden en met het tape van het post servicepunt knutselen we weer een mooie doos. Helaas is Australië niet heel goedkoop met pakketjes versturen maar het is niet anders. De bus brengt ons tot op de Circular Quay vanaf waar het Opera House en de Harbour Bridge op loopafstand zijn. We eten een drop veter van twee centimeter breed en een meter lang met het Opera House in onze rug en op een terrasje met uitzicht over de fameuze brug genieten wij van een beker heerlijk warm chocolade vocht. Hoezo reizigersdieet??

 We bekijken ook nog even de kunsten van een straatartiest die het presteert op een drie meter hoge eenwieler te jongleren met een pion, fakkel en een mes. In de wijk The Rocks is een kleine maar gezellige markt waar we overheen lopen en een dubbelhoorns softijsje kopen. Hiermee beklimmen we de trappen van de brug om een kijkje te gaan nemen in een van de betonnen pylonen waar een uitzichtpunt zit. In deze pylon blijkt ook nog een museum over de brug te zitten, die ons wat interessante feitjes opleverden en die we graag willen delen. Ruim 1400 mensen hebben gewerkt aan de brug, die bij oplevering in 1932 de grootste stalen brug ter wereld was. De hoogte is 134 meter, de lengte 1149 meter en er zijn zes miljoen klinknagels gebruikt om het als geheel aan elkaar te houden. Om de boel goed in de verf te houden is er ruim 90.000 liter verf nodig om de 485.000 vierkante meter staal van een laag te voorzien. Na een kijkje op de top van de pylon verlaten we het machtige bouwwerk. In het donker lopen we via de botanische tuin naar het verlichte gebouw van de bibliotheek, het ziekenhuis en Saint Mary’s Cathedral. Als de boodschappen gedaan zijn gaan we terug naar ons couchadres.

14 augustus. De veren worden vroeg verlaten om op tijd op het vliegveld te zijn. De wandeling naar de bushalte duurt twintig minuten en we zijn precies op tijd voor de bus. Het weer is erg bewolkt en zelfs regenachtig. Eenmaal op het vliegveld is de douane streng en moet alles af inclusief de riem. We haasten ons door het taxfree gedeelte om het laatste (zware) Australische muntgeld uit te geven. Eenmaal bij de gate horen we een halfuur vertraging. Pfff. Als we eenmaal de lucht ingaan is de vertraging bijna een uur geworden. Jammer genoeg vliegen we van de stad af en kunnen we niets zien van het grote hardloopevenement wat vandaag gehouden wordt. Het weer boven de wolken is prachtig en boven de Tasmanische zee trekt het wolkendek zelfs een stuk open. De stewardessen zijn waarschijnlijk nog niet met de voorbereidingen van de vlucht, want we moeten een poos wachten op onze lunch. Die bestaande uit zalmpasta en broccoli met lasagne wel smakelijk is. Na bijna drie uur alleen maar water en wolken verschijnt het vaste land van Nieuw Zeeland onder het vliegtuig en wordt de landing ingezet. Deze is door de harde wind wat minder comfortabel en het vliegtuig schud dan ook flink. De regenboog is vanuit het vliegtuig wel erg mooi om te zien.

We landen veilig en de klok kan weer twee uur verder vooruit gezet worden. Ondanks dat Nieuw Zeeland een even strikt importbeleid heeft als Australië verloopt de douanemolen een stuk soepeler. Slechts één voedselhond controleert de handbagage en de overige bagage gaat alleen door de x-ray. We mogen zelfs onze in Australië gekochte speculaasjes meenemen. In de ontvangsthal staan Kerry en Gillion ons op te wachten aangezien we de komende week te gast zullen zijn bij hen thuis. Kerry is voorzitter van de Nieuw Zeelandse korfbalbond en hebben we leren kennen op het korfbal toernooi in Adelaide. Voor we naar hun huis gaan maken we een klein rondje door de buitenwijken van Auckland. We rijden met de auto naar “one tree hill” vanwaar we een 360 graden uitzicht hebben over de stad, de baai en de oceaan. Het weer in Auckland is vandaag wisselvallig en onstuimig te noemen. Zon en regen wisselen elkaar door de harde wind in hoog tempo af. We kunnen bijna hangen op de wind en het lukt maar net om een paar mooie foto’s te maken van de regenboog en het uitzicht. Onze slaapkamer met tweepersoonsbed en de eigen badkamer zijn een heerlijke luxe te noemen. In de avond komen Matt en zijn vrouw nog met hun paar maanden oude tweeling. Matt heeft korfbal in Auckland opgezet. Met zijn zessen genieten we van een heerlijk diner.

Geplaatst in Australië | Laat een reactie achter

Het verhaal van het Vietnamese pakketje

We zijn begin april in Ho Chi Min (Vietnam) als we horen dat er een pakketje uit Zuid-Afrika en Thailand is gebracht bij onze zaakwaarnemer (de moeder van Erwin). Wij beslissen dat deze opengemaakt mogen worden in bijzijn van de ouders van Rhianne zodat we maar één keer hoeven uit te leggen wat de inhoud is. Een speciale afspraak wordt gemaakt en vol verwachting gaan de ouders uitpakken. Behalve twee setjes kleren voor onze neefjes, een lampfitting voor Erwin zijn vader en wat kerstdecoratie voor Rhianne haar moeder is de volledige inhoud voor ons zelf. Uiteraard krijgen we dat te horen. We beloven de volgende keer wat souvenirtjes mee te sturen. We informeren bij het postkantoor naar de prijzen voor het verzenden van een pakket uit Vietnam. In vergelijking met Afrika en Thailand valt het reuze mee. We horen dat de maximale maten 1x1x1 meter mogen zijn en het idee is geboren om een zo groot mogelijk pakket op te sturen naar huis. Aangezien we ook nog de fietsen hebben kunnen we makkelijker souvenirtjes vervoeren. Vol goede moet begint in Da Lat en Hoi An de verzameling en al snel hebben we een grote roze tas achterop met spulletjes, die we kilometers meeslepen. In Hanoi vragen we voor de zekerheid nog even de prijzen op. Bij het internationale postkantoor zijn de prijzen en maten gelijk aan Ho Chi Min en bij het 10 meter verderop gelegen normale postkantoor zijn de prijzen hoger, makkelijke keuze dus. In Hanoi en Sa Pa begint het verzamelen pas echt. We hebben zoveel spullen dat we een fikse doos kunnen vullen, alleen waar haal je die vandaan zonder een woord Vietnamees te spreken. Uiteindelijk vinden we de oplossing bij een oud karton inzamelaar. Voor 1 dollar kopen we een grote televisiedoos, die we achterop de fiets door Hanoi vervoeren. Helaas blijken grote lichte cadeaus moeilijk te vinden dus moeten we de doos iets kleiner maken.

Vol goede moed gaan we op 20 april naar het postkantoor. Hier moeten we van veertig verschillende dingen(tjes) in het Engels omschrijven wat het is. Een beambte controleert dat en vertaald het in het Vietnamees. Dan mag de doos gesloten worden. Flink wat tape (waar we ook een dollar voor betalen) en verpakkingsmateriaal zorgen voor een goed pakket. Uiteindelijk weegt het pakket 14 kilo en de afmetingen zijn 70x57x43. Prima binnen de maten en het gewicht. De beambte voorziet de doos van doosbinders en klaar zijn Erwin, Rhianne en de beambte. Snel betalen en twee en een halve maand tot zes maanden wachten op het resultaat. Wij verwachten ongeveer 35 dollar te moeten betalen voor het gewicht. Dan komt er een volledig nieuw feitje om de hoek kijken wat ons niet verteld is. Met een ingewikkelde omrekenmethode blijkt ineens dat de afmetingen ook van belang zijn en moeten we gaan betalen voor 28 kilo. We betalen uiteindelijk 60 dollar. Een tegenvaller. We krijgen de keuze de doos kleiner te maken. Nee, laat maar zitten, daar hebben we na anderhalf uur werk geen zin meer in. Het is een grapje, maar wel een dure geworden.  

 en Op 21 juli krijgen wij te horen dat een heel groot pakket is gearriveerd bij onze zaakwaarnemer. Inmiddels ingehaald door een pakket uit Hong Kong en Kuala Lumpur is het pakket uit Vietnam na ruim drie maanden aangekomen. Er blijkt wel een hele grote scheur in de zijkant te zitten, dus we hopen maar dat alles is aangekomen. Op 23 juli zijn onze ouders wederom bij elkaar om pakketjes uit te pakken. Gelukkig voor ons allemaal is alles aangekomen en krijgen ze eindelijk hun langverwachte souvenirtjes. Uiteraard hebben we ook het één en ander ingepakt voor de komende kerst dus een beetje geduld wordt ook gevraagd.

Geplaatst in Vietnam | Laat een reactie achter

Korfbal, korfball en de Great Ocean Road

15 juli. Net na het opstijgen, begint deze dag en krijgen we ons DINER van de dag ervoor. Het is dan inmiddels half één ‘s nachts… Het hazenslaapje erna is kort, we worden na maximaal drie uur slapen wakker gemaakt voor ons ontbijt… pff het avondeten is nog geeneens verteerd. De maaltijden zijn bij Singapore Airlines echter te lekker om te laten staan, dus eten we alles braaf op. Netjes op tijd landen we in het Australische Adelaide. Het zal alleen nog zeker een uur duren voordat we buiten staan. Australië heeft een streng import beleid om ziektes buiten te houden voor dier, plant en mens. Wij hebben geluk en hoeven niet in de lange rij te staan om onze tassen geheel uit te pakken. Wij mogen langs de hond, nee geen drugshond maar honden die zijn opgeleid om voedsel te ruiken. Onze eerste twee dagen in Adelaide zullen we gaan kijken naar de IKF under 23 Asia Pacific cup, oftewel een korfbaltoernooi vergelijkbaar met de Europese jeugdkampioenschappen.

In de ontvangstterminal staat Megan, een vrijwilliger van de toernooiorganisatie ons op te wachten. Ze zet ons met de auto af bij een jeugdhostel van de YHA waar ook een aantal teams verblijven. Onze eerste indruk van Adelaide is rustig, schoon en veel kerken. We krijgen een trainings- en busschema van Megan zodat we weten waar we kunnen gaan en staan. Bij aankomst zien we het Hong Kong team, wat wij eerder deze reis ontmoet hebben, net naar de training gaan. Sommigen zien ons en na even goed kijken herkennen ze ons ook. We besluiten om eerst even wat boodschappen te gaan doen, aangezien we dus geen eten en drinken Australië in mochten nemen. Eerst naar een grote overdekte markt en daarna naar een ECHTE supermarkt. Het voelt als eeuwen geleden om koelingen te zien met vlees, worst, kaas en andere melkproducten. De spullen hebben een vaste prijs, met duidelijke kortingen en folders! Helaas is het geen Azië meer en het lijkt er op dat de prijzen zelfs hoger liggen dan in Nederland. Dat is wel weer even wennen! Daar gaan we dan, sinds lange tijd, op zoek naar avondeten om zelf te koken… snik snik… Einde van het elke dag uit eten gaan en ‘luxe’ producten kopen, omdat het toch niets kost. Na de boodschappen is het alweer bijna tijd om naar de eerste wedstrijden te gaan kijken. We gaan met het Hong Kong team mee in de bus naar de ‘Arena’. Het is een basketbalarena waar ze het korfbalveld netjes overheen hebben geplakt, met kussens om de palen heen, een Australische veiligheidsregel. We zien de 2e helft van de wedstrijd Australië – Nieuw Zeeland, waarbij de Aussies met 15 punten verschil een maatje te groot blijken voor de Kiwi’s. In de pauze ontmoeten we Helen de voorzitter van het Oceanische IKF en zij nodigt ons uit om later in onze trip langs te komen in Melbourne. Daarna gaan we even een lekker balletje schieten met de nieuwe IKF ballen en  kijken we naar Chinese Taipei – Hong Kong. Wij zijn uiteraard voor Hong Kong, maar ze worden genadeloos ingemaakt. Na 13 minuten staat het 13-0 en de wedstrijd eindigt uiteindelijk in 47-13, een doelpuntenrijke wedstrijd dat wel! Doordat Hong Kong eerder deze week ook heeft verloren van India met drie punten verschil en met een golden goal verloren hebben van Australië spelen ze morgen om het brons wederom tegen Australië. ’s Avonds mogen we mee eten met de teams, vlees, aardappelen en groenten van de cateraar, heerlijk! Maar dan zijn we echt op en gaan slapen. Niet verwonderlijk na een nachtje vliegen met weinig slaap en een lange middag korfbal kijken.

16 juli. De grote korfbalfinaledag. Wie er gaat winnen is eigenlijk al duidelijk, namelijk Chinese Taipei. In Azië staat geen maat op Chinese Taipei, ze zijn verreweg het beste aangezien ze de nummer drie van de wereld zijn. De rest van de plaatsen zal spannend worden. We zien 3,5 wedstrijd. De halve wedstrijd is debutant Maleisië tegen een veredeld tweede elftal van Australië. Deze wedstrijd wordt door laatstgenoemd team met flink wat punten verschil gewonnen. De tweede wedstrijd is China – Nieuw Zeeland. De verwachting is ruim verlies voor Nieuw Zeeland, maar niets is minder waar. De wedstrijd gaat gelijk op en er wordt hard gewerkt door beide teams. Het gaatje van twee punten laat China echter niet los en zij worden vijfde. Dan de wedstrijd om het brons met Australië en Hong Kong. Vanuit het Australische supportersvak kijken we naar een ongekend spannende en attractieve wedstrijd. Geen van beide teams weet een voorsprong lang vast te houden en dus moet na zestig minuten spelen bij een stand van 17-17 de golden goal uitslag brengen. Australië dat de bal uitkrijgt weet niet binnen de 25 seconden van de schotklok te scoren en dus krijgt Hong Kong een kans. Ze krijgen een vrije bal en deze wordt koelbloedig afgemaakt, brons voor Hong Kong!

De finale tussen Chinese Taipei en India is totaal niet spannend. Vanaf het begin scoort Taipei er lustig op los en uiteindelijk stopt de teller bij 43-16. De klasse wordt extra getoond door een aantal prachtige en lenige galleryplay ballen van Chinese Taipei en ze hebben dan ook het meeste recht op de gouden plak. De sluitingsceremonie met volksliederen en uitreiking van de medailles is leuk om te zien. Als de nodige foto’s zijn gemaakt gaan we terug naar het hostel maar niet zonder een stel lekkere sandwiches die overgebleven zijn en een uitnodiging voor de eindparty van vanavond. Na ons avondeten ontmoeten we Malcolm die op Kangaroe Island woont. Van hem krijgen we nuttige informatie over dit prachtige eiland voor de kust van Australië, een van de bestemmingen die we willen bezoeken. Als we op het punt staan naar het feest toe te gaan komen de eerste korfballers al weer terug. We beslissen dan ook om niet te gaan. Rhianne gaat proberen haar slaap in te halen en Erwin gaat met Malcolm een biertje drinken en een hotdog eten in de gezellige uitgaansstad Adelaide. Het bier is een traktatie en dat is een geluk aangezien een biertje hier omgerekend 7 euro kost. Pas wat later in de nacht zoekt ook Erwin zijn bed op.

17 juli. De bedoeling is om vandaag administratiedag te houden en op een hele rustige manier slagen we hier in. Doordat de kamers lekker donker zijn en omdat onze mede slaapgenoten zich rustig houden, kunnen we uitslapen tot half 11. Op ons gemakje ontbijten we voor we ons gaan verdiepen in het wasmachine apparaat. Deze blijkt voor vier dollar ons goedje in ruim een halfuur te kunnen cleanen. We gaan ons verder verdiepen in de mogelijkheden voor Australië, zoeken een partij foto’s uit en werken de administratie bij. Aan het eind van de middag gaan we nog even het leuke centrum van Adelaide in en staan dan voor een al gesloten informatiecentrum. Terug in het hostel bereiden we een pastamaaltijd in de grote keuken en gaan daarna vroeg slapen.

18 juli. Om half 10 staan we in de rij om een gratis pannenkoek te bemachtigen. Aangevuld met onze eigen muesli, een heerlijk ontbijt! Vandaag moeten we knopen doorhakken voor onze trip. Uiteindelijk beslissen we om Kangaroe Island te laten vallen. Een tour van twee dagen is erg duur en voor een auto huren op het eiland of meenemen geldt hetzelfde. We beslissen dit geld te investeren in een auto die we voor 18 dagen kunnen huren en dan heel de kustlijn kunnen volgen op ons eigen tempo en met onze eigen weg. We gaan nog even naar het centrum om een simkaart te kopen zodat er weer gebeld kan worden. Dan brengen we bezoek aan de mooie bibliotheek waar we gratis kunnen internetten, een dienst die in het hostel erg prijzig is. We werken de internetsite bij en zoeken naar een goede huurauto. Hongerig bezoeken we dan een grote supermarkt om een avondmaaltijd bij elkaar te scharrelen en gaan terug naar de bieb tot deze sluit. Eenmaal terug proberen we nog even te bellen voor een volgende slaapplaats maar onze nieuwe simkaart weigert dienst. Dan maar slapen en morgen bellen.

19 juli. We hebben gehoord dat de verschillende autoverhuurbedrijven in de stad weleens goede prijzen hebben voor auto’s dus we maken een rondje. Helaas valt dit tegen en zijn de prijzen juist hoger als op bijvoorbeeld internet. Gelukkig komen we nog een tourbureautje tegen die een scherpe prijs heeft voor een huurauto, dus die nemen we. We wandelen nog even naar de stad om onze simkaart te reanimeren en na wat hulp lukt het om deze werkend te krijgen. Eenmaal terug in het hostel stippelen we de route uit voor morgen en werken de verslagen bij.

20 juli. Voordat Adelaide verlaten wordt moeten er nog wat dingen geregeld worden. We moeten onze spullen inpakken, emails versturen en boodschappen doen. De auto kan pas om 12.00 uur opgehaald worden, dus dat komt mooi uit. Nog voor het ontbijt, pakken we de tassen in, zodat we erna direct de stad in kunnen. Terwijl Rhianne gaat winkelen, gaat Erwin alvast naar de bibliotheek. Deze blijkt nog gesloten, maar de draadloze internetverbinding is sterk genoeg om buiten alvast te beginnen met internetten. Rond half 12 gaan we terug naar het hostel, de boodschappen en souvenirs zijn binnen en de noodzakelijke mails eruit. Terug blijkt de gezamenlijke keuken van het hostel nog dicht te zijn. Met een potje tafeltennis slijten we de tijd tot de keuken weer open is. Snel een pastasalade gemaakt en dan op weg naar de autoverhuur. Als de paperassen zijn ingevuld kunnen we de auto uit de parkeergarage ophalen, maar dan blijkt de auto meer schadeplekjes te hebben dan aangeven op de papieren. De spullen worden aangepast en om half twee gaan we op pad. Onze auto voor de komende 18 dagen is een tweedeurs Holden TK Barina, nog het beste te vergelijken met een Peugeot 206. De auto rijdt prima, heeft alleen een beetje weinig kofferruimte en de hendel voor het knipperlicht lijkt ergens anders te zitten aangezien Erwin continu de ruitenwissers bedient als hij de richting aan wil geven. Eén en ander zal wel te maken hebben met het feit dat in Australië links gereden wordt. De route door de Adelaide Hills is erg mooi we stoppen op uitzichtpunt Mount Lofty om te genieten van het uitzicht over Adelaide en de kust.

Na een korte break gaan we door naar Hanhdorf. In dit dorp kunnen we kaasproeven en kopen we Nederlandse snoepjes. We gaan namelijk de komende dagen op visite bij Mark en denken dat dit wel een leuk cadeautje is. Mark is de coach van het Nieuw-Zeelandse korfbalteam en hij heeft tijdens het toernooi een slaapkamer aangeboden. De bekende gele verkeersborden, voor overstekende Koala’s en Kangoeroes, staan overal langs de weg. Tot onze verrassing duurt het niet lang voordat de eerste wilde Kangoeroes langs de weg staan. Eenmaal in de woonplaats van Mark, bellen we hem op voor de exacte route en dan blijkt hij boodschappen aan het doen te zijn in de straat waar wij staan. We maken kennis met zijn vrouw Corinne en zijn zoon Lachlan. In een grote kamer van het huis wordt de bedbank gereed gemaakt om te slapen. Deze kamer heeft een eigen badkamer en toegang tot het nieuwe zwembad. In de tuin staan een mandarijnen-, sinaasappel- en citroenenboom waar we zoveel vruchten vanaf mogen plukken als we op kunnen. Bij het heerlijke avondeten maken we kennis met Bev. Dit is de fysio van het Nieuw-Zeelandse korfbalteam. Hij is de komende dagen ook te gast bij de familie. Onder het genot van een verse sinaasappeljus en een wijntje maken we er een gezellige avond van.

21 juli. Mark en Caroline nemen ons vandaag mee op stap door de omgeving van Willunga. We rijden eerst naar de kust om van het mooie uitzicht over de baai te genieten. Dan gaan we naar de Hickinbotham Oval van de Panthers (Adelaide) om te gaan kijken naar een echte Australische Soccer wedstrijd. Dit is een soort van rugbywedstrijd maar dan volgens Australische regels. In het team van de Panthers speelt Lachlan mee. Het spel is niet heel moeilijk en we kunnen het aardig volgen. De eerste korte pauze gebruiken we om een bezoek te brengen aan de “canteen”, hier halen we een hotdog, friet en meat pie waarmee we het tweede part doorkomen. Er worden heel wat goals en punten gescoord. In de rust proberen we ook een balletje te schieten en dat is nog best lastig.

Uiteindelijk winnen de Panthers de wedstrijd makkelijk met 118 – 32. Als de wedstrijd geëindigd is gaan we terug naar Willunga, waar we een heerlijke pompoenensoep met yoghurt eten. Voor het avondprogramma verplaatst ons gezelschap zich naar het Warrawong wildlife park. Hier gaan we een avondwandeling maken om de zeldzame platypus, oftewel het vogelbekdier te zien. Het, alleen in het oosten van Australië voorkomende dier, heeft de snavel van een eend, het lijf van een mol en de staart van een bever en is het beste te vergelijken met een platgeslagen eend. Er wordt één exemplaar gespot deze vanavond, die helaas niet te fotograferen was. Kijk hier voor goede foto’s en informatie. Tijdens de wandeling worden verder Potoroos en Bandicoots gezien en tamme kangoeroes geaaid. Deze blijken zo zacht als dons te zijn en zelfs Koen krijgt een knuffel van zo´n groot maatje. Naarmate de tocht langer duurt, wordt het steeds een beetje kouder. Zelfs onze geleende winterjas kan daar niets aan doen. Ook niet heel vreemd, we hebben zes maanden in temperaturen tussen de 20 en 35 graden geleefd en nu is het ongeveer 6 graden, brrr. Na anderhalf uur kunnen we opwarmen in de auto en de kachel gaat dan ook vol aan.

22 juli. Vandaag gaan we naar Victor Harbor. Langs dit deel van de kust zijn walvissen te zien. Aangezien we nu midden in de periode hier zijn, hebben we kans dat we wat zien. De auto wordt geparkeerd langs een veld waar bowling gespeeld wordt. In tegenstelling tot onze bowling is het hier een soort jeu de boules, maar dan met grote ballen en razend populair bij de Australiërs. We lopen over de trambrug naar Granite Island. De hier rijdende oude groen/witte paardentram contrasteert mooi met de strakblauwe zee.

We maken een driekwartier durende wandeling over het eiland en houden ondertussen de zee goed in de gaten. Helaas geen walvissen. We hebben wel geluk met het weer. De zon schijnt en de hemel is strak blauw. De wind maakt het af en toe wat fris. De chocomel met slagroom en marshmallows warmt ons weer lekker op. Bij de supermarkt worden al onze boodschappen bij elkaar geshopt voor dezelfde prijs als twee broodjes bij de bakker. We rijden met de auto naar een heuvel met de passende naam “The Bluff”. Ook hier hebben we goed uitzicht over de zee, maar helaas naast een poffertjesverkoper die geen poffertjes meer verkoopt, ook geen walvissen. Dan maar op naar Port Elliot. Hier zijn vandaag een aantal walvissen gespot dus het moet mogelijk. We staan net op de parkeerplaats als we een blaaswolk omhoog zien gaan en JA, er blijkt een walvis te zijn. Heel snel gaan we de heuvel op waarop we een goed zicht hebben over de zee. We hebben ongelofelijk veel mazzel. We zien drie walvissen, waarvan ééntje wel vijf keer boven het water uitspringt. We krijgen de tijd om een paar mooie foto’s en filmpjes te maken. SUPER GAAF! Erg voldaan rijden we terug naar huis. Hier wordt de barbecue aangestoken en binnen niet al te lange tijd wordt de inwendige mens voorzien van worstjes en lamskoteletjes, aangevuld met salade.

23 juli. Aangezien het zaterdag is, is er boerenmarkt in Willunga. Hier kunnen allerlei streekproducten worden geproefd en gekocht. Dat is natuurlijk een kolfje naar onze hand. De markt wordt van een vrolijke noot voorzien door verschillende gitaarspelers, die continu doorwisselen van plaats. We bekijken een aantal hele oude huizen en wandelen dan naar het footballoval. Hier gaat Lachlan spelen. Aangezien hij nog niet gestart is hebben wij mooi de tijd om even bij een andere populaire Australische sport te kijken, netball. Korfbal is een afgeleide van deze, voornamelijk door vrouwen gespeelde sport, die verder veel overeenkomsten heeft met basketbal. Zo is de ring om te scoren een kleine basket, maar dan zonder bord erachter. De hoogte van de paal is 3 meter en de paal staat op het uiteinde van het veld. Er kan dus niet van achteren gescoord worden. Spelers hebben in deze sport een vaste functie en mogen slechts in bepaalde vakken van het veld komen. Doormiddel van overspelen kan de bal verplaatst worden. Uiteraard schieten wij ook even een balletje, maar vinden het korfbal toch een leukere sport om te doen en te zien.

De wedstrijd van Lachlan is ondertussen ook begonnen en hier gaat het er in tegenstelling tot de wedstrijd van twee dagen terug lomp en ruig aan toe. Te kort aan vaardigheid wordt duidelijk op een andere manier opgelost. Ook worden ballen vaker langs de palen geschoten dan er tussen, wat weer tot gevolg heeft dat deze op de geparkeerde auto’s terecht kunnen komen. Dit komt doordat auto’s strak rondom het veld geparkeerd worden zodat toeschouwers de wedstrijd vanuit de auto kunnen zien. We zijn getuige dat een rugbybal vanaf 50 meter bijna in een kinderwagen wordt geschoten die op weg is naar het netballveld. Het gaat gelukkig net goed. Na deze sportieve hoogtepunten geven. Marc en Corinne ons een autotour door het Fleurieu Peninsula district. Het weer is omgeslagen tot bijzonder druilerig. Gelukkig heeft de auto een brede voorruit, met werkende ruitenwissers, zodat we ook foto’s van binnenuit kunnen maken. We krijgen een windmolenpark te zien van 23 windmolens, maar we vertellen maar snel dat we in Holland grotere parken hebben. De plaatselijke Ingalalla waterval is wel erg mooi en heeft door de regen een extra natte dimensie. De regen zorgt er ook voor dat van Kangaroo Island alleen de contouren te zien zijn. Dit mag de pret echter niet drukken, want de warme chocomel wederom met marshmallows drinken we droog en als de zon ondergaat trekt de hemel weer open. Vanaf een heuvel zien we een schitterende zonsondergang met fel gekleurde wolken.

De avond krijgt nog een leuke maar lange afsluiting. In Nederland zijn twee, door ons verstuurde pakketten aangekomen, die onze ouders samen gaan openmaken. Een is het grote pakket uit Vietnam met een lange story. Zie hiervoor de post “het Vietnamese pakketje” en onze Hong Kong doos is er ook al. Via Skype kijken we mee hoe ze gaan uitpakken. Ondanks een grote scheur in de Vietnam doos blijkt alles aangekomen te zijn, gelukkig! Pas om half 12 gaan we naar bed.

24 juli. Doordat het gisteren wat later geworden is wordt vandaag een beetje uitgeslapen. Aangezien we willen gaan doorreizen moeten de tassen worden ingepakt. Er worden nog wat dingen op de computer geregeld en rond de middag zijn we klaar voor vertrek. Onze eerste gang wordt, heel spectaculair, naar de benzinepomp aangezien onze auto dorst heeft. Daarna is de auto zo vriendelijk ons naar Wellington te rijden waar we met een pont de Murray River oversteken. Een behoorlijk lange en saaie weg volgt tot Meningie het eerst volgende dorp is. Tijd voor een pauze. We bezoeken de plaatselijke supermarkt en bakker, beide open op zondag en dan neemt Rhianne plaats achter het stuur van onze auto. In het begin een beetje onwennig door alle veranderingen in de auto, maar al snel met vaste hand stuurt ze ons door het prachtige landschap van het Coorong nationaal park. Pas als we de afslag naar de pelikanen uitkijkpost gemist hebben en we moeten keren, gaan de ruitenwissers aan in plaats van de richtingaanwijzer. Yes, Rhianne kan het ook! Vanaf de wal zien we tientallen pelikanen op het broedeiland voor de kust, hiervoor moeten we wel erg ver inzoomen met onze digitale camera. De laatste 100 kilometer zijn ook behoorlijk saai en we zijn dan ook blij als we aankomen in Kingston S.E.. We worden onthaald door een standbeeld van een gigantische krab van wel 17 meter hoog, 15 meter lang en bijna 14 meter breed. Met 49 dollar inclusief ontbijt is de eigen kamer in het Famous Royal Mail hotel goedkoper dan het plaatselijke motel en zelfs goedkoper dan een doorsnee dorm op een backpackers die ze hier niet hebben. De keuze is dus snel gemaakt. Ons avondeten snijden we in een bijruimte naast de hotelkeuken, niet helemaal de bedoeling waarschijnlijk, aangezien het personeel ons een beetje vreemd aan kijkt, maar het werkt prima. We trakteren ons op een toetje en dan blijkt de chocomel uit de automaat gratis. Toppie! Er wordt nog even gekletst met twee Aussies uit Melbourne en dan gaan we slapen.

25 juli. Aangezien we om kwart over tien een rondleiding willen hebben in een grot, in een plaatsje 100 kilometer verderop, zitten we om 8.00 aan het, bij de kamer horende ontbijt. We doen ons te goed aan verschillende soorten cornflakes, jus d’orange en toast uit een halfgaar broodrooster. De weg is wederom weinig afwisselend en het enige wat opvalt, zijn de dode dieren langs de weg. We stoppen even bij een kangoeroe die nog midden op de weg ligt. Ook hier geldt duidelijk het recht van de sterkste en dat was deze Kangoeroe niet. We komen aan in Naracoort en melden ons bij het bezoekerscentrum. Naracoort heeft meerdere grotten en wij willen de fossielgrot gaan bezoeken die op de werelderfgoedlijst staat. Deze grot blijkt anderhalve kilometer verderop te liggen, dus verplaatsen we de auto een stukje. Eenmaal in de grot blijkt deze een aantal behoorlijk grote kamers te hebben. Al sinds 1897 komen er bezoekers in de grot, maar pas in 1979 is de kamer ontdekt waar de fossielen in liggen. Deze kamer is zo groot als een Olympisch bad en er liggen waarschijnlijk botten van honderden dieren.

Eenmaal buiten lunchen we nog even in de omgeving van de grot en rijden dan verder naar Mount Gambier. Deze stad is de op twee na grootste van zuid Australië en is bekend van het blauwe meer. De stad is gebouwd op oude vulkanische grond en heeft meer te bieden ontdekken we in het ruime informatiecentrum. Met een goede stadskaart wordt een rondrit gemaakt in de auto. De verdiepte stadstuin is een plaatje en zeker een bezoekje waard. Lang geleden was dit een grot maar door de afbraak van kalksteen is een diep gat ontstaat waar ruim honderd jaar geleden de tuin in is aangelegd. We verplaatsen ons naar het blauwe meer wat gedurende het jaar telkens anders blauw is. Het is 500 meter lang, 80 meter diep en wordt gebruikt als drinkwatervoorziening voor de inwoners. Na een picknick bij de Valley Lake wordt de stad verlaten en vervolgen we onze weg oostwaarts. We passeren de staatsgrens tussen Zuid Australië en Victoria en de klok wordt een halfuurtje verder voorruit gezet, toch mooi zo’n groot land. We arriveren in de buurt van Portland, hier hebben we een Couchsurf afspraak met Kerry en David. Om even te verklaren wat dit precies inhoud. Op www.couchsurf.org is een grote community waar leden gratis hun “bank” aanbieden aan reizigers om zo nieuwe mensen te ontmoeten. In werkelijkheid zijn het vaak bedden in eigen slaapkamers die gebruikt kunnen worden. Voor reizigers is dit dus een ideale manier om nieuwe mensen te ontmoeten en om geld uit te sparen op overnachtingen. Onze gastheer en vrouw zijn beide vijftigers met kinderen die inmiddels buitenshuis wonen. Een van de overgebleven kamers wordt onze slaapplek voor de komende dagen. Tijdens het lekkere avondeten stellen we ons verder voor en voor we het weten is het tijd om te gaan slapen.

26 juli. Het lijkt wel of we door de lagere temperaturen in Australië meer energie nodig hebben om de interne kachel warm te houden. We zijn al een poosje wat vermoeider en slapen vandaag dan ook lekker uit. We doen een miniwasje en gaan rond de middag richting Cape Bridgewater om een zeehondenkolonie te spotten. De wandeling is onderdeel van ”The Great South West Walk” een bekende lange afstandswandeling. Wij doen alleen het twee uur durende gedeelte naar de zeehondenuitzichtpost en terug. Er staat een frisse wind en uit de stapelwolken zien we af en toe een buitje regen in de zee of op het land aan de andere kant van de baai vallen. Wij lopen in het zonnetje en zien dan ook een regenboog die vlakbij in de strakblauwe zee eindigt. Een heel mooi gezicht wat we nog nooit gezien hebben. Voor de pot met goud moet dus nog gedoken worden ook! Strak langs de kliffen komen we bij het eerste uitzichtpunt. Hier is behalve een prachtig uitzicht over de baai geen zeehond te zien. Op weg naar het tweede  punt springt vanachter een struik een walibi bij ons vandaan, prachtig! Pas bij het derde en laatste uitzichtpunt hebben we succes en zien we zeehonden spelen in het water onder ons. Een klein stukje verder hebben we nog beter uitzicht en zien we ook zeehonden die liggen te zonnen op de rotsen. In totaal zien we er een stuk of twintig. Als onze handen ijskoud zijn van de wind, gaan we een stuk terug en eten we de restjes van gisteravond bij het eerste uitzichtpunt.

Op de terugweg hangen de donkere wolken boven ons, maar we hebben mazzel, er vallen namelijk maar een paar spetters uit. Met een bezoek aan het informatiecentrum van Portland maken we de dagtocht compleet. We scharrelen wat kaarten bij elkaar voor het vervolg van onze reis en gaan dan terug naar het huis van Kerry en David. Aan de hand van onze fotocollage laten we ze verder kennismaken met Nederland en onze familie. Wij krijgen ook foto’s te zien van hun familie. De avond gebruiken we om andere adressen op te zoeken om te Couchsurfen tijdens onze toer. Dat is een van de weinige nadelen van deze reismethode, het kost tijd om profielen te lezen en aanvragen te sturen. Koen krijgt van Kerry en David een nieuwe opdracht. Hiervoor moet hij zijn beste Engels van stal halen en het komt er op neer dat hij Australië gaat promoten in de rest van zijn tour.

27 juli. Buiten de warme dekens is het erg koud, niet verwonderlijk want we hebben vannacht vorst aan de grond gehad. Zelfs de voorruit van de auto zit in het ijs, maar deze ontdooit in de snel warm wordende zon. Het is heerlijk weer, de lucht is strakblauw en de zon maakt het feestelijk. Als de tassen zijn ingepakt nemen we afscheid van Kerry en Dave, onze eerste Couchsurf ervaring was een succes. De route wordt vervolgd langs de kust en we stoppen in het kleine plaatsje Port Fairy. Hier maken we een wandeling over het Granite Island, gaan op de foto met de vuurtoren en wandelen terug over het strand. Natuurlijk houden we onze ogen open om walvissen te spotten. Als de antieke kanonnen met bezoek vereerd zijn rijden we verder naar het Tower Hill Reserve. Dit is een prachtig wildlife park waar Kangaroes, Walibi’s, Emoes en andere dieren zitten. Hier maken we twee wandelingen en zien we zelfs slangen. Aangezien het bijna donker begint te worden kunnen we naar Warrnambool voor ons tweede Couchsurf adres. Dit is bij een gezellige Australische familie, die we verrassen met een appelpie, die we onderweg bij een plaatselijke bakker gekocht hebben. We hebben jammer genoeg maar één nacht hier terwijl we het er wel vijf nachten hadden kunnen volhouden. Pas laat in de avond gaan we slapen.

28 juli. Na een heerlijke nacht is het om negen uur tijd om afscheid te nemen van deze warme plek. Met de belofte dat ze een keer bij ons welkom zijn, als we weer een huis hebben, verlaten we Warrnambool. Vandaag staat in het teken van de Great Ocean Road, de mooie kustroute langs de zuidkust van Australië. Wij volgen de route richting Melbourne. Terwijl het zonnetje schijnt verdwijnen de eerste vijftig kilometer onder de wielen van de auto. In dit stuk zien we vooral veel weiland met zwart witte koeien en geen oceaan. Het wordt pas echt interessant als de kalksteen kust begint. We hebben besloten om te stoppen bij de meeste uitkijkpunten en kunnen dan ook redelijk wat mooie foto’s maken. Langs een aantal weinig zeggende kustplaatsjes en een aantal mooie stops rijden we naar de twaalf Apostelen. Dit zijn een aantal rotsformaties in de oceaan die samen een toeristische trekpleister vormen. Voor het eerst tijdens onze Australische tour komen we meerdere busladingen met Aziaten tegen. Doordat het bewolkt geworden is krijgen wij niet het mooiste te zien, maar het natuurwonder blijft indrukwekkend. Vanaf de twaalf Apostelen vervolgt de Great Ocean Road zich meer naar het binnenland.

Er komt meer bos, meer hoogteverschil en vooral veel bochten. De Australische wegbeheerder is zo vriendelijk om bij nagenoeg elke bocht een snelheidsadvies te geven die ligt tussen de 25 km/h en 90 km/h. Toch wel bijzonder dat de basissnelheid op deze weg met tegenliggers 100 km/h is. De weg wordt nog eenmaal verlaten voor een wandeling door het enige stukje regenwoud van Victoria. De vulkanische grond heeft, in combinatie met de vele regen en warme temperaturen gezorgd voor een prima plek waar woudreuzen groeien die normaal alleen voorkomen in tropische gebieden. Eenmaal terug bij de oceaan genieten we nog even van het formidabele uitzicht en vervolgen dan de weg naar de eindbestemming van vandaag, Apollo Bay. Via het toeristencentrum krijgen we het adres van Surfside Backpacker waar we voor 60 dollar een eigen kamer hebben. Na de boodschappen gaan de pizza’s de oven in, zoeken we foto’s uit en werken het verslag bij. Als we naar bed gaan komt Rhianne erachter dat ze een “lege” pen in haar broekzak gestopt had die bij nader inzien toch gevuld was. Een mooie blauwe vlek heeft zich gevorm op haar been en broek. Ze krijgt dus wat bonustijd om de vlek te verwijderen. Helaas lukt het niet, dus misschien morgen in de wasmachine.

29 juli. Het vervolg van de Great Ocean Road gaat kort langs de kust af. Na de harde wind van vannacht is het opgeklaard en weer stralend strak blauw. De uitzichten zijn hierdoor extra mooi te noemen en een aantal keren wordt dan ook gebruik gemaakt van een stopplaats. We willen in Kennett River een wandeling gaan maken om wilde koala’s te spotten. We kunnen alleen het beginpunt niet vinden. Dus maar een weg op die al snel onverhard wordt. Net als we willen omkeren zien we een koala. De auto gaat aan de kant en te voet gaan we verder op ontdekking. Dichtbij zien we er één wiegen op een tak. Deze wordt gestoord door een soortgenoot en voor onze neus gaan ze een robbertje stoeien. Het resultaat is te zien op onze pagina met filmpjes.

Terwijl Rhianne verder loopt om meer te spotten haalt Erwin de auto op. Tot zijn verrassing zit er een koala op drie meter van de auto in een boom. Met de auto proberen we dieper het bos in te gaan om meer te zien, maar deze poging strandt. Eenmaal uit het bos zien we verschillende kanaries en kakatoes. Met een beetje gekregen chips van een Fransman lukt het de vogels op onze arm te laten landen. Als er een buslading toeristen komt is voor ons de lol eraf en vervolgen we de weg langs de oceaan. Voor we Torquay bereiken vereren we het fameuze surfstrand Bells Beach met een bezoekje. Alleen is er in deze tijd van het jaar en er door de kou weinig te beleven. Aan het einde van de Great Ocean Road wacht ons volgende logeeradres. Dit is bij Helen de voorzitter van het Oceanië IKF (Internationale Korfbalbond). Aangezien ze erg van Nederland houdt hebben we Nederlands/Australische speculaasjes en Belgische pralines gekocht. Samen met Neil runt Helen het zes koppige gezin en het is erg leuk hier in mee te draaien. Helen heeft pizza’s gehaald en dus gaan die de oven in. Daarna is het hoogtijd voor een potje korfbal. De familie speelt iedere week in een kleine competitie tegen andere teams uit de regio. We spelen vandaag een uitwedstrijd wat neer komt op een uur rijden over donkere plattelandswegen. Ons team bestaat uit spelers in de leeftijd van tien tot dik in de vijftig. De tegenstander daarentegen heeft mensen van rond de twintig, waarvan een aantal Australische internationals. Wij hebben sportschoenen, sportbroekjes en een wedstrijdshirt geleend en zijn na 15 maanden geen wedstrijd er helemaal klaar voor. De wedstrijd over 2×20 minuten op een basketbalveld gaat verrassend gelijk op. Ondanks het kwaliteitsverschil lukt het ons team te gaan rusten met een puntje voorsprong. De tweede helft lukt het scoren jammer genoeg niet meer. Het lijkt wel over er een plank op de korf ligt. Doordat we de verdediging niet sluitend kunnen houden verliezen we uiteindelijk met 8-4. Jammer, jammer maar het is niet anders. Na een lange reis terug kunnen we uiteindelijk vermoeid gaan slapen.

30 juli. Tijdens het slapen heeft Erwin kramp in zijn voet gekregen, waarschijnlijk door de korfbalwedstrijd. Verder weinig spierpijn aan het begin van deze druilerige dag. Mooi tijd om eens ALLE foto’s uit te zoeken en te zorgen dat de website wat gevuld wordt. Tussendoor nog even een wedstrijd netbal gekeken, met de fantastische uitslag van 37-1. Dit was de uitslag die Rhianne 15 minuten voor het einde van de wedstrijd had voorspeld, hihi!! Na nog een foto-uurtje starten we met de hele familie aan een sightseeing door Drysdale en omgeving. Vanaf de Point Lonsdale hebben we een mooi uitzicht over de toegangspoort tussen de oceaan baai richting de haven van Melbourne. Grote schepen moeten hier door een vaargeul van minder dan een kilometer breed met vele stromingen en ondiepe plaatsen. We maken nog een groepsfoto op een klif en geven de familie dan een lesje wildlife spotten. Één dolfijnvin was genoeg om de groep op te merken.

We rijden naar Queenscliff om de moderne vuurtoren te beklimmen en zien van bovenaf een containerschip het ruime sop kiezen. Na een schaal reuze patat en aardappelcakejes (friet in, hoe makkelijk cakevorm), aanvaarden we de thuisreis. Onderweg valt Neil zijn blik op een auto die blijkbaar kortgeleden door een hek geschoten is. Onze auto wordt gekeerd om eerste hulp te verlenen. De niet al te oude bestuurder heeft waarschijnlijk een black-out gehad of is in slaap gevallen en met niet al te hoge snelheid tegen een hek en daarna boom gereden. Als de ambulance en de ouders van het slachtoffer gearriveerd zijn, vervolgen wij onze weg naar huis. Hier eten we sinds lange tijd weer eens appelmoes bij het avondeten, dat is lang geleden. Later horen we dat de jongeman die gecrasht was geluk heeft gehad en er zonder noemenswaardige schade vanaf gekomen is.

31 juli. De familie is vroeg uit de veren om football te gaan spelen, coachen en kijken. Aangezien wij onze Nederlandse volgers heel graag willen voorzien van nieuw leesvoer blijven we thuis en kruipen al vroeg achter de computer. Van twee weken moeten we de puntjes op de i zetten. Dit houdt in foto’s toevoegen, leuke informatie uit folders toevoegen om het verhaal wat informatiever te maken en uiteraard de spellingscontrole. Dit geheel exporteren naar de website en klaar is Kees (lees: Erwin en Rhianne). Om de dag van een nuttige break te voorzien gaan we in de middag naar Geelong. We willen daar een bezoek gaan brengen aan het Ford Discovery Centre en museum. Neil maakt van de gelegenheid gebruik om mee te rijden en de bus te pakken naar Melbourne. Het automuseum is niet al te groot maar geeft een leuke kijk op de historie van de auto, Ford in Australië en de huidige productietechniek van auto’s. Natuurlijk zijn er ook een aantal dingen te doen en uiteindelijk vermaken we ons er twee uur. Aangezien het nu mooi weer is rijden we langs de baai terug en hebben we gelijk een mooie kijk op de zeehaven van Geelong. Thuis maken we een nieuwsbrief in orde en plaatsen de laatste filmpjes online. Dan kunnen we verder met bedenken wat we de komende dagen in Melbourne gaan doen en daarna op onze weg naar Sydney.

Geplaatst in Australië | Laat een reactie achter