Sulawesi’s wildlife boven en onder water

8 juni. Op advies van het boekingskantoor willen we twee uur van te voren op het vliegveld zijn voor onze vlucht naar Jakarta. Aangezien we om 9.00 uur de lucht in gaan betekend dit wel dat we al om 6.00 uur moeten opstaan. Dit valt nog niet mee voor Erwin aangezien hij nog tot laat bezig is geweest met het plaatsen van de post op de website. Voor 15000 Roepia worden we met de tricyclo naar het vliegveld gebracht. De incheck gaat erg snel en we moeten bijna anderhalf uur wachten. Dan maar een reuze beker warme choco met slagroom drinken en een chocolade croissant eten bij de Starbucks. De vlucht verloopt voorspoedig en om half twaalf landen we in Jakarta. Het vliegveld hier is niet erg bijzonder en helaas heeft onze volgende vlucht naar Manado ook nog eens een uur vertraging. Eenmaal in de lucht vergeten we dat snel want de laagstaande zon geeft een wel erg mooi uitzicht over de witte wolken, blauwe hemel en vliegtuigvleugel. We genieten van de fel geeloranje kleuren als de zon daadwerkelijk ondergaat. 

Als we landen in het donker blijkt de vertraging opgelopen tot anderhalf uur en kunnen we niet zien Manado eruit ziet. De bagageclaim duurt bijna een halfuur, een record. Veel dozen en tassen die passeren zijn nat, en dat blijken die van ons ook te zijn. Rhianne haar flightbag blijkt klem gezeten te hebben want de rits is afgebroken, ook een aantal tassen van medepassagiers is kapot. Eenmaal met de tas in de hand moeten we direct de nodige taxichauffeurs van ons afschudden. Wij willen namelijk met de mikrolet naar het hotel. Dit is een klein blauw busje waar normaal gesproken ongeveer 7 mensen in kunnen en in Indonesië zelfs meer. Bij de touristinfo worden we de juiste kant op gewezen en met een keer overstappen, komen we bij het hotel. Dit bestaat uit een duur nieuw gedeelte en oude goedkope kamers. We hebben een gedeelde toiletvoorziening zonder douche, maar een hele schone kamer met raam en fan. We gaan pasta eten bij de Pizzahut in de megamall. Als we er achter komen dat we de laatste klanten zijn en het restaurant schoongemaakt wordt, blijkt het door het uur tijdverschil inmiddels 22.00 uur te zijn. Na het eten wandelen we dan ook snel terug naar het hotel. Hier blijkt door de ruige tas behandeling het flesje Betadine opengesprongen te zijn en een vies rommeltje gemaakt te hebben in het bovenvak van Rhianne haar tas. Als dit enigszins is schoongemaakt gaan we slapen.

9 juni. Om kwart over negen staan we op, om het bij de kamer horende ontbijt te nuttigen. Dit blijkt te bestaan uit toast met hagelslag en thee. Genoeg om de eerste tijd mee door te komen. Terug op de kamer gaat Rhianne de administratie bijwerken en Erwin bijslapen. In de middag verplaatsen we ons naar de “lounge” van het hotel om te gaan internetten. Als we ons even op het balkon van het hotel begeven, zien we dat de stad best veel architectonische gebouwen heeft, afgewisseld met vele huisjes met golfplaten daken en bergen die een natuurlijke grens vormen. Rond etenstijd wandelen we nog even de stad in en vinden een plekje bij Raja Saté. Via de megamall, één van de vele, maar meest luxe shoppingmall wandelen we terug. In de grote supermarkt onder het winkelcentrum kopen we zandkoekjes en speculaasjes van Verkade, pindakaas en chocopasta. Niet erg veel verkrijgbaar in Azië.

10 juni. De moskee’s achter het hotel maken ons al om 4.00 wakker, maar gelukkig kunnen we na een halfuurtje onze slaap weer oppakken. Om 9.00 uur zitten we weer aan de ontbijttafel. Aangezien we graag willen gaan relaxen, snorkelen en duiken op Bunaken Island, zoeken we via internet en de Lonely Planet naar een geschikte slaapplaats. Uiteindelijk komen we in het hotel iemand tegen die ons Daniels resort aanprijst en we beslissen daarheen te gaan aangezien de andere een beetje ver boven budget liggen. Na snel de tassen ingepakt te hebben en nog wat boodschappen gehaald te hebben wachten we op de man die ons met zijn auto naar de boot brengt. Dit blijkt een speedboot te zijn die tussen de mangrove in het lage water op ons ligt te wachten. De tocht over de zee naar Bunaken gaat binnen het halve uur. In plaats van een uur met de publieke boot. We worden aan het strand van ons resort afgezet en krijgen de sleutel van een hut aan de rand van het strand. Met de boten voor de deur, vol uitzicht op het water en de mangrove een mooie stek.

We kunnen gelijk aanschuiven voor het middageten. Daarna vermaken we ons met een gevonden boek en tijdschrift. Het duiken kriebelt toch te hard en beslissen we nog even te gaan snorkelen. Direct voor ‘de deur’ van ons resort ligt een mooi stuk koraal met de nodige vissen. Doordat het laagtij is kunnen we niet heel ver het koraal in, anders zouden we het stuk maken met onze vinnen. Tegen de tijd dat het donker wordt houden we ermee op en gaan nog even lezen en dan eten in het restaurant. Als de grote spin inclusief zijn eitjes uit onze kamer verwijderd is kunnen we lekker slapen.
 

11 juni. We slapen een beetje uit en gaan dan ontbijten. Evenals lunch en diner is dit inbegrepen in de kamerprijs. De keuze is niet heel groot, maar de smaak is prima. Hierna willen we gaan snorkelen, maar we horen dat er erg veel stroming staat. We beslissen om een wandeling te maken langs het strand. Een groot deel van het zeezicht wordt weggenomen door hoge mangrove, dus ons plekje is zo gek nog niet. We wandelen langs resorts van verschillende klasse ’s en informeren naar de prijs voor het halen van onze Advance duikbrevet. Het maximale verschil is dertig euro. Als we aan de terugweg beginnen gaat het regenen. Nee, een mooie strandvakantie met zon en palmbomen wordt het niet. Rond de middag zijn we terug en na de lunch willen we opnieuw gaan snorkelen. Helaas blijkt de manager met de sleutel van de snorkeluitrusting afwezig en kunnen we alsnog niet. Dan maar duiken in onze boeken en wachten op zijn terugkomst. We duiken zo diep dat we uiteindelijk pas tegen schemer weer buiten komen en dan hebben we ook voor het eerst samen een spelletje gespeeld op onze lakenzakken. Het is te laat om nog te snorkelen, maar een beetje zwemmen, kan nog wel. Na het diner gaan we wederom lezen en dan slapen.

12 juni. We worden een beetje gespannen wakker. Voor het eerst sinds eind januari staat er een duik op het programma. Na een goed ontbijt gaan we de benodigde uitrusting bijeen zoeken en maken ons klaar om te vertrekken. De houten speedboot is dezelfde als waar we mee gekomen zijn en vervoert behalve ons, onze instructeur, een andere duiker en twee bemanningsleden. Binnen een paar minuten zijn we op onze duikstek, Fuiki genaamd. Onze instructeur leert ons achterste voren van de boot af te rollen en de duik, die in het teken staat van navigeren, begint. Met kompas maken we een vierkant en we tellen het aantal slagen die we nodig hebben om langs een twintig meter lang touw te komen. Door de sterke stroming klopt het vierkant niet helemaal, maar voldoende om te slagen voor de opdracht. Daarna komt het leukste deel van de duik. Het koraal en de andere zeedieren opzoeken. We zien een gigantische Napoleonvis van ruim een meter lang, barracuda’s, een flinke school Bat Fish en nog meer.


Na ruim een uur komen we weer boven water. De boot brengt ons naar Lekuam I, de volgende plaats waar we ons opmaken voor de tweede duik, dit wordt een duik waar we leren omgaan met stroming (currentdive). Net voor we willen beginnen voelt Rhianne zich erg misselijk en is niet meer in staat om te duiken. We beslissen om terug te gaan en eerst even te eten. Rhianne heeft al een tijd last van dichtzittende oren en met duiken gaat het dus echt niet goed. Zal dit de reden zijn, ondanks dat ze zo lief is, zo slecht luistert naar Erwin? (red) We beslissen dat zij stopt met duiken en pas als een Nederlandse dokter bepaald heeft dat ze weer zonder problemen kan duiken, gaat ze verder. Dit betekend dus dat Erwin verder alleen gaat duiken. Om drie uur is het zover, Erwin vertrekt en gaat naar de stek van vanmorgen terug. Helaas blijkt er bijna geen stroming meer te zijn, maar zeeleven des te meer. Een ongelofelijk mooie duik, van bijna een uur, volgt die voornamelijk langs de rand van het rif gaat, ook wel drop off of muur genoemd. Deze muur is helemaal begroeid met koraal, schelpen en zeedieren. Maar liefst zeven groene schildpadden worden gezien, waarvan er één een meter groot is. Vele scholen met vissen en ook hele grote exemplaren. Om het verslag niet te groot te maken kunnen de waarnemingen voor soorten en types worden terug gelezen in het duiklogboek. Als we ‘s avonds met de instructeur namelijk het logboek invullen, beslissen we om van de currentdive een fish-indentificationdive (visherkenning) te maken en het boek dus ruim in te vullen.

13 juni. De dag begint een beetje wazig. Erwin heeft gisteren met zijn instructeur afgesproken vandaag een advance duik te gaan maken maar met een andere gids. Als hij zich klaarmaakt en vraagt hoe het geregeld is, blijkt er niemand iets te weten. Er wordt gezegd dat een gids zijn spullen pakt en dan naar de boot komt. Als de boot op het punt staat te vertrekken zijn er nog geen spullen en geen gids. Als we wederom om uitleg vragen wordt de enige gids van de boot geroepen en gaat Erwin met hem mee. Een beetje vaag allemaal. Gelukkig is de duik, die door lichte stroming langs een mooie muur gaat wel erg goed. Het zicht is ontzettend goed, er kan tot dertig meter ver gekeken worden. Verschillende grote vissen, die nog het meest lijken op dolfijnen met een platte neus, passeren de revue evenals de eerste haai. De haai is wat ver weg maar net voor het einde van de duik wordt een tweede haai gespot op 10 meter afstand. Helaas komt tijdens de veiligheidsstop op vijf meter Bunakens grootste probleem langs drijven. Vele plasticflesjes, plastictasjes en ander afval drijft boven en naast ons. Vreselijk zonde! De duik zit erop en er wordt terug gegaan naar het resort. In de tussentijd heeft Rhianne een aantal hele mooie schelpen verzameld, waarvan we er een aantal gaan meenemen. Na de lunch gaan we snorkelen doordat het nu hoogtij is kunnen we veel verder dan de eerste keer en ook meer zien.
 

Met de waterdichte camera maken we een aantal mooie foto’s. Helaas komt ook hier weer veel afval langsdrijven. Eenmaal terug is iemand bezig met afval rapen op het strand en horen we dat het probleem aan de andere kant van het eiland veel groter is. Voor het diner gaat Erwin nog even studeren in het duikboek en leest Rhianne een boek. Wederom op een andere tijd dan in het restaurant staat aangegeven worden we geroepen voor het diner. Tijdens diner krijgt een Finse vrouw te horen dat ze een probleem heeft omdat ze gedoken heeft bij een andere school terwijl ze hier overnacht. Dit zou niet mogen terwijl het nergens staat aangegeven. Van verbazing over het gedrag van het personeel zakt zowat onze broek af, wat een klantonvriendelijkheid. Terug op de kamer komt onze duikinstructeur nog even langs. Met hem bespreken we nog even wat er vandaag gebeurd is en hij is erg teleurgesteld. Morgen gaat hij weer zelf mee en hij zal nog een hartig woordje spreken met de leiding van ons resort. Dan begint het hard te regenen en te onweren, altijd een minder fijn gehoor op een dak van golfplaten. Net al we willen gaan slapen voelen we ons bed een beetje schudden. We denken een lichte aardbeving gevoeld te hebben en denken natuurlijk gelijk aan een daaropvolgende tsunami. Niet goed wetende wat we moeten doen, vragen we na of het klopt wat we gevoeld hebben. De aanwezige mensen zeggen dat er niets aan de hand is en slechts gedeeltelijk gerustgesteld, gaan we slapen.

14 juni. Aan het ontbijt in het restaurant blijkt inderdaad dat er de vorige dag op ruim 200 kilometer afstand een aardbeving is geweest met een kracht van 6.9 op de schaal van Richter. Doordat deze op een eiland was, was er geen tsunami gevaar. Er is vandaag wat minder bewolking en de zon laat zich een beetje zien. Erwin neemt met zijn instructeur het duikprogramma door. De eerste duik wordt een diepe duik tot dertig meter. Na nog een keer alle uitrusting gecontroleerd te hebben gaan we naar de boot. Rhianne gaat mee om te snorkelen op de duikplekken. De afdaling gaat inmiddels aardig gecontroleerd, deze keer gaan we langs een schuin aflopende bodem. Rond de dertig meter doen we een kleur testje. Dit is best lastig aangezien er bijna geen kleuren meer zijn en door de diepte alles in de hersenen nog trager werkt als op het land. Na ruim tien minuten op dertig meter gaan we langzaam omhoog. Op verschillende niveaus bekijken we het zeeleven. We zien twee schildpadden, veel grote vissen, hele kleurrijke vissen en ten slotte nog een haai. Na ruim 50 minuten komen we boven en hebben een pauze op de boot van een uur voor we de tweede duik gaan doen. Dit wordt een multilevel duik met duikhorloge. We zijn terug op Lekuam I waar de vele schildpadden zitten. De bedoeling wordt dat Rhianne Erwin en de instructeur al snorkelend volgt en hopelijk ook de schildpadden kan zien. Natuurlijk neemt ze ook de camera mee.
 

Al binnen twee minuten spotten we de eerste kleine schildpad en nog geen vijf minuten later zien we de grootste schildpad tot nog toe. Ruim anderhalve meter lang. Erwin krijgt de mogelijkheid om dit exemplaar op een meter afstand te zien, Rhianne ziet hem ook, alleen wat verder weg. Uiteindelijk ziet Rhianne vier schildpadden en Erwin acht. Samen zien we nog één keer het natuurschoon onderwater van Bunaken, wat echt fantastisch is als de stroming maar geen afval uit Manado meeneemt. Na ruim vijftig minuten houden we het, met een voldaan gevoel voor gezien. We gaan terug met de boot en na de lunch gaan we wat rusten. Even alle mooie dingen verwerken die we gezien hebben. Voor het eerst deze week kunnen we genieten van een stapelwolkendek en de volle maan op ons balkon. Als onze duikinstructeur ’s avonds nog langs komt spreken we de duiken na, zoeken de gespotte vissen op en krijgt Erwin zijn tijdelijke certificaat voor het behalen van zijn Advance Diver Open Water. Het in slaap vallen gaat wat lastig aangezien een aantal mensen zo nodig een feestje moet vieren naast onze bungalow.

15 juni. Met onze vermoeide laatste tijd in het achterhoofd beslissen we een dag langer te blijven en heerlijk te relaxen. Het weer is prima, licht bewolkt en een wazig zonnetje. Het pannenkoeken ontbijt met chocopasta gaat er prima in. Jammer genoeg heeft Rhianne zich gisteren met het snorkelen op haar rug flink verbrand, in de weinige zon die er was. Van nek tot enkels is ze vuurrood met uitzondering van de plaatsen waar de bikini bedekt. We maken een kleine wandeling langs het strand en doordat het extreem laagtij is kunnen we tot bij het koraal de zee in wandelen. Na de lunch relaxen we lekker op de veranda van onze bungalow en tegen de tijd dat het weer hoogtij is gaat Erwin nog even snorkelen en Rhianne koelt wat af in het heldere water. Na het diner wachten we op onze instructeur voor de stempels in ons duiklogboek. Waarschijnlijk doordat het ontzettend hard gaat regenen, komt hij niet opdagen en gaan we dus maar slapen.

16 juni. Al vroeg beginnen we met het verder inpakken van onze tassen. Om half negen gaat de publieke boot naar Manado en die willen we nemen. Bij het ontbijt horen we dat de publieke boot vandaag niet gaat aangezien hij gisteravond door het slechte weer niet gekomen is. Gelukkig kunnen we, samen met een viertal Indonesische toeristen, een boot van het resort charteren en vertrekken we om half 10. Binnen drie kwartier zijn we in de haven van Manado. Na pinnen en noodzakelijke boodschappen stappen we in een Mikrolet richting Terminaal Paal 2. Dit is het eerste deel van de weg naar het Tangkoko-Batuangas Dua Saudara Nature Reserve en we weten dat we vier keer moeten overstappen. Op paal 2 pakken we de bus richting Bitung. De ramen van de bus zijn rondom voorzien van blauw plakfolie en we geloven nooit dat de chauffeur veel kan zien. We vertrekken pas als de bus tot de laatste plaats bezet is. Bij de Tangkoko terminal stappen we, na een halfuur wachten op meer passagiers, wederom in een Mikrolet, ditmaal naar Girian. Dit blijkt een tochtje van vijf minuten te zijn, die we prima hadden kunnen lopen. Hier moeten we een personenauto regelen die ons het laatste stuk naar Batiputi brengt, waar de ingang van het park is. Met zeven personen en onze backpacks is de auto zo vol dat wij op de achterste bank schuin zitten. De weg slingert de laatste 25 kilometer over een redelijke weg langs voornamelijk kokosnootplantages. Veilig arriveren we bij Mama Roos waar we de kamer zelf kunnen uitzoeken aangezien bijna alles leeg is. Na een lekkere Nasi Goreng ontmoeten we Aard en Jasper die op het punt staan om een trekking te maken. Wij beslissen om de benen ook even te strekken en met een andere gids ook het bos in te gaan. We gaan op zoek naar vogels, spinnen en het Tarsier beestje. Die laatst genoemde is klein nachtelijk primaat en bekend om zijn ogen die letterlijk groter zijn dan zijn maag en niet in de oogkas passen. De koppies kunnen bijna 360 graden draaien en ook de oren zijn oversized. Aangezien ze alleen voorkomen in sommige regenwouden in Indonesië en de Filipijnen willen we ze graag zien. De wandeling gaat eerst over een breed pad naar het kantoor van de ranger. Hier betalen we en gaan verder het bos in. Tijdens onze rondwandeling zien we een Kingfisher, een fleurige vogel die slecht te fotograferen is en verder erg weinig tot we bij een boom aankomen waar meerdere toeristen zitten te wachten. Het Tarsier beestje is nagenoeg boom gebonden en gaat alleen ’s nachts op pad. Na twintig minuten wachten steekt de eerste zijn kop buiten de holle boom en iedereen duikt er met de camera op, als wil het een bekende Hollywood ster. Er komen nog een aantal beestjes en uiteindelijk als de schemer al flink ingevallen is lukt het een mooie foto te maken. We lopen weer terug en vlak voor de bosrand stoppen we om een Tarantula te zien. Dit is een handpalm grote zwarte spin die ook voor mensen giftig is. Terug bij de homestay eten we samen met Aard en Jasper en beslissen voor morgen samen een boot te huren om dolfijnen te gaan spotten. Een zware onderhandeling volgt en uiteindelijk huren we de boot voor 500.000 roepia en moeten we om 05.00 uur op het strand zijn. Snel naar bed dus.
 

17 juni. Erg vroeg de wekker maar toch soepel op en zin om de dolfijnen te gaan spotten. Het oude witte brood wordt een beetje opgeleukt met pindakaas, jam en chocopasta, maar blijft in Nederland toch beter voor de eenden. In de haven schrikken we met zijn vieren een beetje. We verwachten een speedboot of iets dergelijks afgehuurd te hebben, maar het blijkt een uit de kluiten gewassen kano met bamboe zijdrijvers te zijn. Moeten we hiermee de zee op? Ja, weinig keus. Uiteindelijk zijn we snel gewend en blijkt de boot best stabiel, zelfs als de zee wat ruiger wordt. Wij zitten op 3e en 4e positie achter Aard en Jasper die fungeren als spatscherm. Met 15pk gaat het niet heel snel, maar dit is ook niet nodig want we blijken ruim op tijd om grote aantallen dolfijnen te zien die worden verraden door grote aalscholvers. We zien zelfs hele kleine baby’s die al verassend goed kunnen zwemmen… Alleen foto’s maken is verrekte lastig, maar toch als bewijs:
 

Als we ruim een uur tussen de dolfijnen gedobberd hebben gaan we richting een hotspring. Deze blijkt in lavagebied te liggen met pikzwart strand, zo fijn als zout. Zo vanuit de boot is er niets te zien van de hotspring, maar als we uitstappen en met onze voeten een beetje zand wegschuiven, wordt het plekje te warm om te staan. We experimenteren wat door een kuil te graven op het strand, het water wordt te warm om in te staan, maar kookt nog niet. Een zwarte makaak kijkt vanuit een boom toe wat we aan het doen zijn. We zoeken nog wat lava steentjes en scheppen wat zwart zand in een flesje en gaan dan weer de boot in. Een flinke trip volgt om naar onze laatste bestemming te gaan een geel wit strand met hele fijne schelpjes. De handdoeken worden neergelegd en relaxen maar. Als we na ongeveer twee uur genoeg zonlicht gevangen hebben gaan we terug naar het dorp. Na een lekkere lunch blijven we de middag lekker in de buurt van onze kamer.
 

18 juni. Vandaag willen we naar het Tasikoki Wildlife Rescue Centre om te kijken of we hier met Koen iets kunnen gaan doen. De tassen zijn gepakt en we wachten langs de kant van de weg op een auto die ons naar Kirian kan brengen. Terwijl we zitten te wachten verteld Miron, een bioloog die al wat langer in Tangkoko is, dat de mensen van Tasikoki vandaag naar dit dorp komen voor een bruiloft. En terwijl er net een pick-up truck stopt om ons mee te nemen switchen we onze plannen, brengen de tassen terug in de zojuist schoongemaakte kamer en zien wel wat de dag brengt. Miron helpt mee aan een documentaire van de BBC over het Tarsier diertje en hij stuurt ons door naar Melissa de assistent producer om meer informatie te krijgen over deze productie. We hebben een leuk gesprek met haar en ze nodigt ons uit om vanmiddag naar de bruiloftslunch te gaan en vanavond naar het feest. Ook kunnen we morgen met de crew meerijden als ze naar Tasikoki. We nemen de uitnodigingen graag aan. In de middag wandelen we dus naar het dorp en het bruidspaar blijkt nog in de kerk te zijn. We zijn precies op tijd om het Ya woord te horen. Het is een Christelijke bruiloft die veel overeenkomsten heeft met een kerkmis in Nederland. Het tekenen duurt alleen wat lang (ongeveer een halfuur, maar alle administratie in Indonesië duurt wat langer dan bij ons). Dan is het tijd om naar de feestlocatie te gaan en volgt een lang verhaal in het Indonesisch over het bruidspaar. We worden gastvrij onthaald met een roze kokosnootdrankje wat mierzoet blijkt te zijn. Iedere gast krijgt ook een plastic doosje met drie cakejes erin en neemt plaats op houten bankjes die staan opgesteld tussen rijen met tafels vol met schalen eten. We horen dat het bruidspaar honderd mensen heeft uitgenodigd, maar er zijn zeker driehonderd mensen aanwezig. Van een afstandje zien we een bruidstaart van twee meter hoog. Als we dichterbij komen om een foto te maken van het suikerwerk, blijkt deze van piepschuim te zijn en slechts een klein taartje wordt door het bruidspaar aangesneden. We ontmoeten de cameraman en editor van de documentaire en dan wordt de stemming gespannen. Iedereen krijgt een plastic bordje en lepeltje en niet lang daarna wordt de lunch geopend en stort iedereen zich op de tafels met lekkernijen. Op ons gemak proberen we ook het één en ander en het smaakt ons prima. Binnen twintig minuten veranderen de prachtige tafels in een grote woestenij en niet lang daarna verlaten rijen mensen de feestlocatie, zo werkt het dus… Wij gaan nog even met de crew het bruidspaar feliciteren (we zeggen dan Selamat) en op de foto met ze. Terug in onze homestay frissen we ons even op en worden we door de beheerster verrast met Pisang Goreng (gebakken banaan) de beste Indonesische lekkernij. We zoeken van een paar dagen de foto’s uit en werken het verslag bij. Om negen uur begint de party en dus gaan we naar de feesttent terug. Na de karaoke wordt de feestavond door het bruidspaar geopend met een traditionele polonaise. Die kennen wij ook en doen uiteraard mee. Verder wordt er veel gedanst (een paar passen vooruit en achteruit, vooral niet teveel) op muziek variërend van dance tot een soort popmuziek. Als toerist worden wij regelmatig de dansvloer op gevraagd en zeker Rhianne is in trek bij de locals. Helaas is het Tasikoki team niet komen opdagen, maar als we rond middennacht naar onze kamer lopen hebben we zeker een leuke dag gehad. 

Geplaatst in Sulawesi | Laat een reactie achter

Sumatra: ralaxen, de jungle in en ziek zijn

18 mei. Om 04.00 uur gaat de wekker, veel te vroeg om ons bed uit te gaan, maar we moeten met de bus naar het vliegveld. Onze Air Asia bus vertrekt om 5.00 uur en doet vijf kwartier over de afstand. Op het vliegveld checken we gelijk in, we krijgen een kassabon als vliegticket en zoeken naar een aanvullend ontbijt. Naast nasi en hamburgers die we niet willen, vinden we uiteindelijk een lekker Panini broodje bij de Donutwinkel. De vertrekhal heeft nog het meeste weg van de wachtruimte in een Chinees treinstation, vele rijen met banken en deuren met bestemmingen er boven. We wandelen op ons gemak naar het vliegtuig (sluizen kennen ze al helemaal niet) en vertrekken. De vlucht naar Medan duurt maar een uurtje en gaat snel voorbij. Onder ons zien we de stad verschijnen en na een veilige landing kunnen we naar de douane. 

 Het visum hier halen is niet meer dan een financiële formaliteit. Geen pasfoto’s met rode achterkant, geen bankrekening met voldoende geld, geen sponsor, geen kopie paspoort, geen vertrekvlucht, gewoon 25 dollar betalen en binnen een minuut is het visum geprint. Echter als we het nu willen verlengen zal dat de nodige moeite kosten. Afijn probleem voor later… Na wat gepruts met de vingerafdrukken zijn we het land in. We worden direct belaagd door de nodige taxichauffeurs en geldwisselaars, die ook nog wat woorden Nederlands blijken te kunnen. Maar wij gaan ons, gewoon voor het eerst sinds Vietnam, miljonair pinnen en lopen dan richting het centrum. Gelukkig hebben we een kleine stadskaart kunnen bemachtigen om ons te oriënteren. Als we staan te wachten om een drukke weg over te steken ontmoeten we Bob. Een vriendelijke man die ons het nodige weet te vertellen over Medan en nuttige plaatsen zoals het busstation en internetshop aanwijst. Hij weet een tweedehands Lonely Planet te vinden, waar helaas Sumatra al uitgescheurd is en we dus ook niets aan hebben. We dubben of we op zijn advies direct doorgaan naar Toba Lake of toch, zoals gepland in Medan blijven. We blijven een nacht hier en met Bob zijn hulp vinden we uiteindelijk een hostel wat er redelijk uitziet maar jammer genoeg wel naast een grote moskee met het nodige geluid ligt. 

Hij regelt voor ons buskaartjes naar Toba Lake voor morgen en helpt mee bij het kopen van een Indonesische simkaart. We spreken af om vanavond foto’s te kijken van Indonesië bij hem thuis. We drinken wat in ons hostel en ontmoeten een vriend van een kelner die graag wil dat wij Engelse les gaan geven op een school in de buurt. Dit willen we wel doen als we terugkomen van het Toba Lake. Voor nu zijn we te moe en beslissen onze afspraak voor vanavond af te zeggen. Bob komt nog even langs en als we vragen om advies voor een jungletrekking in Bukit Lawang blijkt zijn broer Anton een gids te zijn. Hij spreekt Nederlands en Engels en het lijkt ons leuk met hem te gaan. We betalen Bob vast een kleine borg en hebben daar geen omkijken meer naar. Alleen maar uitrusten en relaxen! In een winkelcentrum dichtbij eten we een lekkere kipmaaltijd, waarna we om 20.00 uur terugkeren naar het hostel en als skypen niet blijkt te gaan, gaan we lekker slapen. 

19 mei. Na een korte onderbreking om 04.00 uur door het minder fijne geluid uit de speakers van de moskee, worden we om 8.00 uur redelijk fris wakker. Na een snel ontbijt gaan we proberen nog wat eten te scoren voor onderweg. Vlakbij de bakker komen we Bob tegen, de bus blijkt namelijk naast de bakker te vertrekken, dat is handig! Een beetje krap is het wel in het busje en als we vertrokken zijn blijkt de beloofde airco te ontbreken, maar we doen het er maar mee. Tijdens de vier uur durende tocht zien we veel Nederlandse invloeden, zoals bomen bij plantages met Nederlandse vlaggen en onze oude vertrouwde houten spoorbomen bij de treinovergangen. 


Hoe dichter we bij het Toba meer aankomen, des te bewolkter het wordt. Net voor het uitstappen begint het dan ook flink te plenzen. Een kaartje voor de ferry naar het TukTuk eiland is snel gekocht en van alle kanten krijgen we kaartjes van hostels toegeschoven. Helaas de vertrektijd van de boot blijkt flexibel. Zogenaamd omdat een andere boot nog moet komen, blijven wij bijna anderhalf liggen. We worden wel netjes afgezet bij een hostel naar keuze en deze blijkt wel leuk te zijn. Onze kamer, wel enigszins gedateerd, heeft schitterend uitzicht over het meer en is erg ruim. Het ophangen van onze klamboe is een uitdaging. Macgyver Erwin fixt het uiteindelijk met twee veiligheidsspelden aan de schroef van de lampfitting.
  

We maken een kleine wandeling om de benen te strekken en worden verrast door een regenbui. We schuilen onder een afdakje en als we verder lopen vinden we een leuk restaurantje. Hier ontmoeten we Andrea en Caty uit Duitsland en we eten gezamenlijk. Zij hebben een maand in Bukit Lawang gezeten waar wij trekking willen doen en zij vertellen dat de Anton waar wij bij gereserveerd hebben helemaal niet zelf de jungle ingaat, maar groepen maakt voor gidsen die vaak helemaal geen vergunning hebben. Zij geven ons de gegevens van een echte gids die zij hebben leren kennen en wij beslissen hem aan te schrijven. Als we terug zijn in het guesthouse wordt via Skype de zus van Erwin nog gefeliciteerd met haar verjaardag en dan gaan we slapen. 

20 mei. Om half zeven wekt onze biologische wekker ons, maar we willen nog helemaal niet wakker worden. Dus snel een foto van de prachtige zonsopkomst en terug in bed. Rhianne gaat er om 8.00 uit en gaat genieten van het zonnetje op ons balkon. Erwin tukt verder. We werken de administratie en het verslag van Hong Kong bij en doen de was. Daarna gaan we zwemmen in het meer. Erwin probeert zijn duikkunsten te verbeteren maar dit lukt niet erg goed. Als het begint met onweren en Erwin een paar rode plekken rijker is, gaan we naar binnen.
  

Hier vallen we al snel weer in slaap voor twee uur, hoezo een beetje slaap te kort? Voor het avondeten blijven we in ons hostel. Er blijken veel Nederlanders te zitten. We hebben weinig interesse vanavond in contact, dus zoeken we wat foto’s uit, verdiepen we ons in onze tijdschriften en zoeken meer informatie op over Toba. De oorspronkelijke bewoners van dit eiland zijn de Batak. Vele van hen leven nog op de traditionele manier, in oorspronkelijke huizen. Op het kannibalisme na dan…  

21 mei. Tijdens het ontbijt zoeken we informatie op over Sulawesi. Daarna willen we fietsen huren maar de fietsen op dit deel van het eiland zijn zo brak, dat er zelfs met een toolkit niets van te maken is. Ook hier in de bookshops geen Lonely Planet van Indonesië te vinden en degene die we vinden mag niet geruild worden tegen ons China boek omdat het een huurboek is. Uiteindelijk vinden we toch fietsen, die na de nodige afstellingen prima rijden (voor huurfietsen). We maken een mooie tocht over het eiland, waarbij duidelijk is dat de toeristische hoogtijdagen van dit eiland geweest zijn. Weinig toeristen en veel leegstand bij hotels en zelfs veel verlaten gastverblijven. We fietsen naar Tomok en bezoeken een graftombe en de markt. Als het gaat regenen, beslissen we te lunchen met Mie Goreng en Nasi Goreng, erg lekker voor nog geen twee euro.
 Via een landelijk pad vervolgen we de tocht, tussen rijstvelden en langs een grote waterval. Het gaat weer regenen en deze keer kunnen we schuilen bij een Batak familie in een traditioneel huis, Jabu genoemd. Het leuke aan dit huis is dat het niet gemaakt wordt met spijkers maar met touw en houten pennen. Snel doorfietsen als het droog wordt. Helaas nog voor de fietsen ingeleverd zijn, weer regen. Voor het eerst deze reis regenen we nat. Terug werkt Erwin op zijn gemak het verslag van Kuala Lumpur uit en Rhianne leest haar tweede boek uit. Kan die mooi nog even geruild worden voor we het eiland verlaten, want daar zijn alleen Indonesische boeken te krijgen. We verplaatsen ons naar het restaurant van ons hostel en genieten tijdens het eten van een dans met traditionele muziekinstrumenten. Rhianne krijgt de gelegenheid om mee te dansen en dat doet ze aller behoorlijkst. Daarna wordt er nog gezongen, WAT EEN HEERLIJK GELUID!!!, hiermee wordt echt veel vermoeidheid van de afgelopen tijd vergeten. 

22 mei. Deze dag begint wat bewolkt, maar we gokken erop dat we het grootste deel van de dag onze huurscooter droog kunnen gebruiken. De start is wat onwennig aangezien we, behalve een klein proefritje nog nooit scooter gereden hebben. Daarna gaat het prima en genieten we van het mooie eiland. Onze bestemming zijn de hotsprings aan de andere kant van het eiland, ongeveer 40 kilometer rijden. Bij aankomst in Pangururan eten we eerst zwaar gefrituurde aardappelschijfjes en gaan dan op zoek naar de bron. Leidingen die zwembaden vullen met warm water, om toeristen te laten zwemmen, wijzen ons de weg. De bron is alleen met wat klimwerk bereikbaar en zeker de moeite waard. Ondanks dat het stinkt naar rotte eieren (van de zwavel) zorgen de vele kleuren en de stoomwolken voor een prachtig aanzicht. De kleuren worden veroorzaakt door vele bacteriën die in verschillende temperatuur niveaus van het water zitten.

Tijdens de terugweg wordt nog een bezoek gebracht aan het Batakmuseum. Hier tooien we ons met traditionele hoeden en een ulos (laken). Het is hoogtijd om wat te eten en we vinden aan het meer een heerlijk rustige plek waar alleen Nasi Goreng wordt geserveerd en waar Erwin met succes zijn viskunsten kan beproeven. De laatste kilometers naar Tuk Tuk zijn een beetje spannend aangezien de benzinetank diep in het rood staat en boven ons een dreigende onweersbui hangt. We halen het precies en Rhianne slaagt er zelfs nog in om haar uitgelezen boek te ruilen. In de avond gaan we eten Alwin en Jeroen. We vinden een leuk restaurant op twintig minuten wandelen van het hostel. De ananas voor het eten is zo vers dat deze speciaal gehaald moet worden. Net als we terug willen wandelen barst het noodweer los. Met een biertje wachten we op betere tijden. Na anderhalf uur regent het nog zachtjes en wagen we de tocht. Voor de tweede keer deze reis regenen we nat… 

23 mei. Op het laatste moment kiezen we voor een extra “niets inspannends doen” dag. We verdiepen ons in het vervolg Indonesië programma en nog belangrijker hoe verlengen we ons visum van 30 dagen voor nog eens dezelfde periode. Regels zijn veranderd en we krijgen niet echt uitsluitsel. We weten dat we naar een Immigratie kantoor moeten en afhankelijk van de bui van de betreffende douanier krijgen we het binnen een nader te bepalen aantal dagen… In de middag gaat Erwin nog wat aan zijn duikkunsten spijkeren en Rhianne settelt zich met een tijdschrift langs het meer. Door de wind zijn er flinke golven, maar de temperatuur is heerlijk. Als het dagelijkse buitje zich aandient gaan we naar binnen. We eten streekspecialiteit taco met guacomolo, kaas en tomaat, aangevuld met Italiaanse spaghetti bij Jenny’s restaurant. De tafeltennistafel wordt nog even flink gebruikt, eerst door ons twee en later door Erwin en een Indonesische opponent. 

24 mei. De tassen zijn ingepakt en we maken ons op om vandaag Toba Lake te verlaten. Na een vlug ontbijt wachten we op de boot die ons om half 8 terugbrengt naar Parapat. Deze gaat redelijk op tijd en we genieten aan boord van de ochtendzon. Daar aangekomen moeten we een uur wachten tot de taxi naar Medan vertrekt aangezien er niet genoeg mensen zijn. Hebben we nog even de tijd om over de kleine markt te lopen. 

  

Gelukkig, na een uur is er één persoon bij gekomen, en gaan we met zijn drieën op weg. Onze chauffeur is een heetgebakerd mannetje in het verkeer. Flink manoeuvrerend, toeterend en inhalend rijden we naar Medan. Met wat mazzel worden de personen die, op het midden van de weg, met een schepnet geld ophalen voor wegonderhoud, niet geraakt. Pas rond drie uur zijn we terug in het voor ons bekende Residence hotel. We maken met vriend Bob de afspraak om morgen naar de Imigrasie te gaan om ons visum te verlengen en ontmoeten een andere vriend Budy waar we morgen mee naar school gaan. Als we over straat wandelen, valt gewoon op hoe Rhianne aangestaard wordt. Best een vervelende ervaring soms maar blijkbaar heel gewoon hier. We doen nog even de Hamburgertest bij de Mc Donalds en deze hamburger is met 0,73 eurocent gemiddeld aan de prijs, de vele saus compenseert het miezerige augurkje maar een beetje. Het maakt de droge hamburger wel smeuïger. Aangezien we de komende tijd weinig pinautomaten tegenkomen, gaan we nog maar eens een paar miljoen pinnen, wat een leuke berg briefjes oplevert. 

 

25 mei. Om 8.00 uur paraat om samen met Bob naar het immigratiekantoor te gaan. Hij wil optreden als sponsor en dat moet het verlengen een stuk makkelijker maken. Via binnendoor weggetjes gaan we naar het immigratiekantoor. Bob probeert het te regelen, maar hij hoort dat we naar het hoofd immigratiekantoor moeten en deze ligt aan de andere kant van de stad. Met een tricyclo (motor met span) verplaatsen we ons daarheen. Het is erg druk en een geluk is dat wij naar boven kunnen. Daar worden we eerst teruggestuurd naar beneden om de benodigde papieren, twee ordners en twee stickers te kopen. Het invulwerk van twee A4tjes is inmiddels zo vertrouwd werk, dat we ons paspoortnummer, etc. inmiddels uit ons hoofd kennen. Nog een paar extra kopietjes maken, één uitvliegticket was niet genoeg voor twee personen en inleveren maar. Helaas niet morgen terug maar pas over vijf dagen. Een geluk is wel dat we slechts 250.000 Rupia betalen, de normale prijs. Met de tricyclo terug naar het hostel. We worden opgepikt door Budy, een andere bekende van ons, om naar een moslimschool te gaan. Hier gaan we Engelse les geven. De auto waar we ons mee gaan is gloednieuw en nog deukloos, dat zal vast niet lang duren in het drukke en chaotische verkeer in Medan. Op de deze particuliere school leren 700 kinderen in de leeftijd van 5 tot 17 jaar. In tegenstelling tot Nederland hebben ze hier één locatie voor kleuterschool, basisschool, voortgezet onderwijs. Alleen de hogeschool/universiteit is op een andere locatie. We worden verwelkomd door tientallen kinderen die ons allemaal persoonlijk de hand komen schudden. Dat we daarbij ook alle bezwete hoofdjes moete aanraken nemen we op de koop toe. 

We hebben een PowerPoint fotopresentatie over Nederland gemaakt en laten deze aan maar liefst 70 kinderen zien. We hebben het over onze dijken, de supermarkt, de seizoenen, de familie en onze feestdagen. De pubers vinden het interessant, maar wel lastig om de concentratie vast te houden. Dat is ook niet heel gek, aangezien ze achterin het niet kunnen horen. Een van de leukste stukjes vinden ze de bonus waarbij we de Nederlandse school laten zien, maar ook onze bezoeken aan de Zuid-Afrikaanse, Cambodjaanse en Chinese school. Na de presentatie leren we ze nog wat Nederlandse woorden en beantwoorden we vragen over Nederland. Dan is het tijd om op het schoolplein een groepsfoto te maken. Dit gebeurd per groep en jongens en meiden strikt gescheiden.

 

Natuurlijk willen ook de docenten op de foto. Na een rondleiding door de school en een heuse signeersessie worden we netjes teruggebracht en krijgen we ook nog twee lunchpakketjes. Bij terugkomst in ons hotel blijkt een invasie mieren het voorzien te hebben op onze voedsel voorraad. Ondanks dat we zakjes altijd goed dichtknopen hebben deze zich door de verpakking heen gegeten. Met wat pijn en moeite krijgen we het personeel zover dat ze onze kamer schoonmaken, inclusief nieuw beddengoed. ’s Avonds bellen we Bob nog even om te vragen voor een busverbinding naar Bukit Lawang. Via een bevriend persoon bij een ander hotel regelt hij dat we mee kunnen rijden met een ander koppel. Ergens tussen 10 en 11 uur morgenochtend gaat de taxi. 

26 mei. Aangezien we niet exact weten hoe laat onze taxi naar Bukit Lawang gaat, staan we om 7.30 uur op. De knipwit met jam gaan er prima in. Helaas geen hagelslag aangezien we dit met ons andere eten buiten de kamer hadden opgehangen ter bescherming van de mieren. Deze zakjes blijken door iemand anders meegenomen te zijn. Als we om half 10 beneden komen en nog wat boodschappen willen doen, blijkt de taxi zo te komen. Opschieten dus. Na wat afpingelen kunnen we meerijden voor 55.000 roepia p.p.. In de auto ontmoeten we een ander Nederlands stel, John en Suzanne die ongeveer net zo oud zijn als wij. Zij blijken ook korfballen als hobby te hebben en uit de buurt van Nieuwegein te komen. Het zal dan ook niet verwonderen dat we gedurende de drie en halfuur durende rit veel gekletst hebben met elkaar. De rit gaat voorspoedig en de weg is, in tegenstelling tot de berichten, best heel goed te noemen. Bij aankomst worden we opgewacht door Ali en Anton. Zij brengen ons naar Inda’s guesthouse. Hier krijgen we de sleutel van een kamer naast het restaurant. Gelukkig blijkt er bij navraag ook nog een andere leuke bungalowkamer beschikbaar te zijn, die wat verder weg ligt. We bellen onze gids en gaan hem opzoeken in zijn accommodatie “On the rocks”. Zijn plekje vijf minuten klimmen vanaf de rivier is fantastisch, maar drie keer zo duur als onze huidige kamer. We worden onthaald door een groepje wilde Thomas Leaf Monkeys die zich genesteld hebben in de bomen vlak voor het houten restaurant. 

De trekking is door regels van de overheid overal net zo duur, de routes zijn alleen anders bij de verschillende gidsen. Na de ins en outs van de route besproken te hebben, gaan we een potje Takraw spelen. Dit is voetvolley met een klein rotan balletje wat we eerder in Thailand gezien hebben. Er wordt drie tegen drie gespeeld. Na wat proberen lukt het Erwin om een aardig balletje mee te trappen. Rhianne die eerst mocht toekijken, krijgt ook de kans om mee te spelen en vind het ook erg leuk. De finale wordt na bijna twee uur voetballen door het team van Erwin gewonnen. Dan moeten we snel naar beneden aangezien we uit eten gaan met John en Suzanne. We zijn al te laat en Erwin moet nog douchen. Uiteraard in vakantiestemming maakt het niets uit en zelfs niet als het douchen wat lang duur aangezien de shampoo uitgelopen is dwars door Erwin zijn backpack. Tijdens het eten ontmoeten we Nederlandse vrienden van John en Suzanne die ze nu voor de vierde keer zien in een maand tijd. Het eten is lekker maar het duurt wel bijna drie kwartier voor het gebracht wordt. 

27 mei. Door de zachte matrassen slapen de bedden niet erg lekker en we worden een beetje gebroken wakker. De ochtend vullen we met het uitspoelen van Erwin zijn backpack, doordat overal shampoo te vinden is. In de middag gaan we naar “On the rocks” en relaxen op de prachtige plaats.
We horen dat Wawan zelf niet kan morgen en we met een vriend van hem meegaan. Deze gids Anto (niet te verwarren met onze feak gids, Anton) ontmoeten we later die dag en we praten over de Nederlandse en Indonesische cultuur. Terug in onze kamer pakken we onze tassen in voor de trekking en gaan eten in het restaurant. Met wat moeite krijgen we onze aanbetaling terug van de andere trekking. Waarbij de inderdaad alleen maar commercieel ingestelde Anton ons zelfs een slechte tocht in de jungle wenst. Zo zout hebben we het zelden gegeten. 

28 mei. Onze eerste dag richting de jungle is direct ook een hele speciale dag. Vandaag zijn we precies een half jaar op reis! Wanneer Rhianne na het opstaan, gaat toiletteren treft ze een behoorlijk grote kikker aan, die zich hoppend naar onze slaapgedeelte verplaatst. Daar komt ze achter als ze de tweede keer het bed uitstapt. Zo vroeg op de morgen wild spotten moet wel een goed teken zijn voor de rest van de dag. We pakken de rest van de spullen in en leveren de kamer inclusief groene vriend onder het bed, op. Na nog even snel ontbeten te hebben en een kaart gepost te hebben gaan we richting “On the rocks”. Het vroege zonnetje maakt de trip met onze backpacks een warme aangelegenheid. Als ook onze gids arriveert, gaan we op pad. Op weg naar de grens van het nationaal park passeren we rubberbomen, waar de verse rubber uitloopt. Na de nodige uitleg zetten we onze eerste stappen in de jungle en worden direct opgewacht door een flinke Orang Oetan man, deze blijkt semi wild te zijn en geïnteresseerd in het semi wilde vrouwtje wat even later opduikt.

Ook krijgen we goed zicht op een vrouwtje met kindje. Helaas we zitten op de “highway naar de jungle” en spotten ook direct onze eerste toeristen, die het nodige lawaai maken. We maken snel wat foto’s en zoeken dan een rustige trail op. Anto vertelt veel over de vegetatie die in dit deel van Indonesië groeit. We zien een groepje Gibbons die zich flink uitsloven. Onze gids blijkt een bijzonder goed gehoor te hebben en soms zelfs de apen te ruiken. Heeft geeft ons de mogelijkheid om helemaal alleen een groep van wel twintig Thomas Leaf Monkeys te fotograferen en erg mooi is het nest van een Orang Oetan vrouwtje met kind. Op de top van een heuvel hebben we een fruitbreak. Bananen, passievrucht en mandarijnen zorgen voor de broodnodige energie. Als we het nodige geluid horen van toeristen weten we dat er nog wat te zien is. Een jong mannetje en vrouwtjes Orang Oetan bevinden zich dichtbij. In de middag zien we nog een koppel makaken, die geanimeerd worden door een gids met een groep toeristen. De gids geeft maar eens een slecht voorbeeld door de apen te voeren met een banaan. Wij duiken weer dieper de jungle in en hebben nog een paar pittige hellingen en afdalingen voor de kiezen. De natuurlijke trappen worden veelal gevormd door de boomwortels. Onze lunch bij een stroompje water bestaande uit Nasi Goreng en een halve ananas ieder, is heerlijk. We doen nog even een ananasschillencompetitie in de stroomversnelling. Na acht uur trekking komen we aan bij ons eerste junglekampement, deze is opgezet door twee andere mannen, verder is er niemand. Onze hut is niet meer dan een bamboeraam met plastic zeilen, gelegen midden in de jungle aan een smalle rivier, in de buurt van twee watervallen. 

We spoelen de junglemodder en het zweet af in het frisse water. Erwin doet nog even een poging om een eigen waterval te bouwen met de aanwezige stenen, best lastig. Dan maken we ons op voor ons junglediner bij kaarslicht, ook dit is erg lekker en bijna romantisch te noemen. Langzaam aan wordt het donker. De vuurvliegjes zorgen voor een boeiend maar spannend schouwspel. Vele krekels spelen hun avondlied en verder horen we vooral vreemde ritsels en geluiden. Dit maakt het slapen best spannend zeker omdat als de kaarsjes eenmaal uitgaan het echt stik donker is. Je ziet werkelijk geen hand voor ogen! Het matje is te dun om de bikkelharde ondergrond te compenseren waardoor een lekkere slaaphouding ontbreekt. In de nacht worden we dan ook regelmatig wakker. 

29 mei. We ontwaken bij zonsopkomst, langzaam aan wordt het licht in de jungle. Een beetje stijf van de ondergrond staan we op. Ons ontbijt bestaat uit een dikke sandwich met ei, groente en kip. Uiteraard via de lastige waterweg maken we nog wat foto´s van de waterval en dan kunnen we weer opstap. De eerste steile klim is afzien en zweten geblazen, dan zijn de benen open en gaat de trekking steeds beter. Pittige hellingen afgewisseld met even zoveel steile afdalingen. Veel wortels die als handvat, trap of uitglijobject gebruikt worden. 

De uitzichten zijn erg mooi, maar we zien behalve mieren van ruim twee! centimeter groot weinig dieren. Bovenop een top van een heuvel hebben we fruitlunch en daar aanschouwen we een mooie grote landschildpad die afkomt op de geur van het fruit. Net nadat we gekozen hebben voor een extra lange trail naar ons kamp worden we getrakteerd op een tropische moessonregen. Deze duurt slechts tien minuten, maar er valt héél veel water. De paden worden nog slechter en gladder, maar we zien nog wel een Thomas Leaf Monkey. Soms zijn de takken erg scherp en eentje levert een mooi gat op in Erwin zijn nieuwe, speciaal voor de jungle gekochte, groene t-shirt. Een tweede nog iets grotere schildpad zien we bij de lunch in het water. Dit maal eten we noodles. Als we na zeven uur hiken aankomen in ons tweede kampement blijkt er net een Orang Oetang gespot, helaas deze hebben we gemist. Het kamp is aan de brede rivier richting Bukit Lawang en de tentconstructie is hetzelfde als de eerst nacht. Ons bovenlichaam is nat van het zweet en de regen en de onderkant bruin van de modder. In het snelstromende koude water van de rivier is het niet erg lekker zwemmen, het blijft bij afspoelen en pootje baden. De tweede nacht is lang niet zo donker als de eerste, maar de ondergrond blijft te hard om lekker te slapen. 

30 mei. Bij zonsopgang zijn we wederom wakker. Nog voor we ontbeten hebben horen we iets in het bos. Zonder enige vorm van pad en onze gidsen zelfs op blote voeten klimmen we tegen de heuvel op. Daar zien we wederom een wild Orang Oetang mannetje die aan het ontbijten is. Dat voorbeeld gaan we volgen maar nog voor we gaan eten laat onze gids een anderhalve meter lange leguaan zien. Wetende dat deze beesten er ook zitten gaan we nog een keer pootje baden. Net als we ons geïnstalleerd hebben komt er inderdaad nog eentje via de rotsen omhoog. 

We voelen ons allebei een beetje moe en vinden de tijd om richting het dorp terug te gaan. Dit duurt nog even aangezien eerst het kampement moet worden afgebroken en onze raft moet worden gebouwd. Wij aanschouwen ondertussen nog maar eens een koppel Thomas Leaf Monkeys. Onze raft bestaat uit drie vrachtwagenbinnenbanden, wat touw en een matje. Als alle spullen in plasticzakken zijn gestopt is het tijd om te vertrekken. Wij liggen in het midden op de mat, een gids voor en achter met stokken om de grootste rotsblokken te ontwijken en de derde helper ergens op de zijkant gepropt varen we over de snelstromende rivier. De trip duurt ongeveer een uur en dan zijn we zeiknat en hebben een hoop lol gehad.

Onze laatste klim van de trekking zijn de trappen op naar “On the rocks”. Hier worden we warm onthaald. We beslissen om hier te blijven en krijgen een mooie bungalowkamer op palen met uitzicht op de rivier. Het plekje komt hoog binnen in ons lijst met mooiste stekjes om te slapen. We hebben een bijzondere douche, eentje die altijd blijft lopen, behalve als de waterval opdroogt die hem voedt. Of een aap op de leiding is gesprongen en de pijp daardoor niet meer functioneert. Het water is heerlijk en helder. Rond de klok van vier uur gaat Erwin weer een potje Takraw spelen (voetvolley met veel te klein balletje). Rhianne is ondertussen bij onze kamer met de was bezig en wordt lastig gevallen door een groep Makaken die het voorzien hebben op onze spullen. Gelukkig slaagt ze erin om op tijd alles binnen te leggen en de ramen te sluiten. We gaan op tijd slapen.

30 mei. Rhianne wordt koortsig en met keelpijn wakker en dan rijst direct de vraag is het meer dan alleen een griepje. We beslissen om het volgens advies één dag aan te kijken of het verbeterd. Rhianne gaat naar het restaurant en Erwin gaat het waswerk afmaken. Verder relaxt hij wat af. Speelt een spelletje op de lakenzak en om 16.00 uur is het weer tijd voor Takraw. Na het avondeten blijven we hangen in het restaurant en werken de verslagen van de laatste dagen bij. Rhianne krijgt een drankje voor de keelpijn bestaande uit honing met een mintachtig spulletje. Hopelijk helpt het. 

1 juni. Vannacht heerlijk geslapen, het was niet al te warm en dat scheelt een stuk. Voor we het bed uitgaan is het half 11 en dat is lang geleden. De koorts bij Rhianne is afgenomen, maar ze heeft nog wel veel last van haar keel. Rhianne gaat wat lezen en Erwin zoekt de spullen in de backpacks uit. We aanschouwen nog een groot koppel Makaken die met de meest mooie sprongen van boom naar boom jonassen. Uiteraard speelt Erwin weer een potje Takraw en na het eten wordt de laptop aangesloten op de muziekinstallatie in het restaurant en maken we er een gezellige avond van. Dat af en toe de stroom uitvalt zoals wel vaker deze week mag de pret niet drukken. 

2 juni. De onweersbui van gisteravond heeft jammer genoeg niet voor de nodige afkoeling gezorgd waardoor het wat warm in de kamer was. Rhianne heeft nog steeds een lichte verhoging en voelt zich power loos. Ze heeft wel trek in eten maar krijgt weinig naar binnen. Veel verder dan lezen komt ze dan ook niet. Gelukkig is er rondom het restaurant genoeg te zien en met de kussentjes en matten is het comfortabel op de grote houten meubels. In de middag beslissen we om even naar de medische post in het dorp beneden te gaan en een malariatest te laten doen. De post die we bereiken met een oude tricyclo stelt weinig voor. Gelukkig de test ook, dit gaat op dezelfde manier als prikken voor suikerziekte. Een klein vingerprikje is voldoende. De test is negatief en er is dus geen sprake van malaria. Aangezien de keelpijn afgenomen is beslissen we om het nog even aan te kijken of het vanzelf wegtrekt zonder naar het ziekenhuis in Medan te gaan. In een internetcafé sturen we nog wat mailtjes naar het thuisfront om onze jungle-ervaring te delen. De trappen terug naar ons verblijf op de heuvel zijn pittig. We zitten dan ook even uit te rusten bij ons hutje als een groep apen zich met het nodige geluid meldt in de bomen rondom ons. We zien zelfs een Orang Oetang en dat is de eerste keer zo dicht bij ons hutje. Aangezien de jungleklok alweer 16.00 uur geslagen heeft is voor Erwin de tijd aangebroken om zijn dagelijkse portie sportenergie kwijt te raken met het Takraw spel. Bij gebrek aan genoeg spelers voor drie tegen drie vandaag twee tegen twee. Het concept blijft hetzelfde er moet alleen iets meer gelopen worden. Blijkbaar gaat het spel van Erwin voorruit want de nodige Bagus is te horen en dit betekend knap. Na het voetballen nog even een intensief potje badminton en dan is het genoeg voor vandaag. De watervaldouche is heerlijk! Vanavond is de laatste avond van Joseph, een Oostenrijkse gast. Daarom hebben we een gezamenlijk diner. Rhianne heeft nog niet veel trek maar eet toch een paar stukjes van de heerlijke riviervis. Als we na het diner nog even lekker ontspannen gelezen hebben is het tijd om te gaan slapen. 

3 juni. We worden al om 6.00 uur wakker. De keelpijn van Rhianne is overgegaan in buikpijn en dat betekend regelmatig de wc bezoeken, die in het losse toiletgebouwtje zit. Aangezien ons hutje ook nog eens op palen staat en alleen via een steil trappetje te bereiken is dat erg vervelend. We blijven daarom een poosje beneden en als het beter gaat, kunnen we weer naar bed. Als Erwin de tweede keer wakker wordt gaat hij ontbijten in het restaurant en Rhianne blijft nog even liggen om haar derde boek uit te lezen, kan die mooi nog even geruild worden. Het is erg warm vandaag en we blijven dan ook lekker boven luieren. Ons biologisch dierenrijk kunnen we uitbreiden met de reuze wandelende tak en een wandelend blad. In de middag gaat het geweldig regenen. Het voetbalveld loopt volledig onder water en we schuilen in het restaurant. We horen nog een gigantische onweersknal en zitten een poos zonder elektriciteit. Het onweert en regent lekker verder en we horen dat de masseur vandaag niet kan komen vanwege de regen. Agus, één van de voetballers kan gelukkig ook goed masseren. Weliswaar weer eens totaal wat anders met uienolie en een steen maar toch wel lekker voor de stijve spieren van Erwin. Rhianne, inmiddels een stuk opgeknapt, leert één van de andere mensen rummikub met speelkaarten en vind ook gelijk haar meerdere in hem. 

4 juni. Aangezien Rhianne een heel eind lijkt opgeknapt en we heel graag naar Tankahan willen om een trekking te maken met olifanten beslissen we om vandaag verder te gaan. Voordat we gaan willen we ook nog graag een bezoek brengen aan een opvanghuis voor weeskinderen beneden in het dorp. Er blijkt een korte weg te zijn vanaf “on the rocks” die we gaan volgen. Het kinderhuis is in 2008 gesticht door de Nederlandse Saskia die met een Indonesische man is getrouwd. In 2003 is er een grote overstroming geweest in Bukit Lawang die aan 239 mensen het leven heeft gekost. Hierdoor zijn een aantal kinderen wees geworden en andere ouders zijn weggevlucht zonder nog voor de kinderen te willen zorgen. Het huis biedt onderdak aan 30 kinderen en nog eens 9 worden financieel ondersteund. We hebben Saskia en haar man ontmoet in het imigrasiekantoor in Medan en toen besloten om even te gaan kijken. Helaas blijkt Saskia voor privéomstandigheden vanmorgen naar Nederland gegaan te zijn, haar man is bezig op het land en de jongere kinderen zijn naar school. Gelukkig treffen we één van de oudere kinderen, Ikir en hij kan eigen ervaringen vertellen over het project, fotoboeken laten zien en informatie geven over hoe we het project kunnen helpen. De meest aansprekende manier is het kopen van rubberbomen. Met het geld worden bestaande rubberplantages aangekocht. De opbrengst van de rubber zorgt ervoor dat het kinderhuis op termijn minder afhankelijk wordt van giften. Het wordt namelijk niet financieel ondersteund door de Nederlandse of Indonesische overheid. Uiteindelijk maken we Koen voor 50 euro eigenaar van vier rubberbomen. Over enige tijd worden de bordjes met zijn naam geplaatst in de plantage. Koen heeft ook nog een andere verrassing. Hij heeft namelijk de laatste maanden in elk hostelwaar we kwamen de gratis tandenborstels met tandpasta meegenomen en schenkt deze aan de kinderen. In totaal zijn het er 31 en dat scheelt toch een kilo aan gewicht in onze tas.

Na een korte rondleiding door de prachtige accommodatie en de tuin wandelen we terug naar ons guesthouse. Hier wacht één van de mannen ons op met wie we op de scooter naar Tankahan gaan. We zeggen iedereen gedag, inclusief de apen die ons komen uitzwaaien en gaan voor de laatste maal de bamboetrappen af naar beneden. Hier wacht de tweede scooterrijder ons op. De backpack van Rhianne past mooi voor het zadel van haar scooterrijder, die van Erwin komt bij hem op schoot. Eigenlijk is alleen de eerste kilometer van de weg goed te noemen, hierna wordt het voornamelijk een grof grindpad met de nodige kuilen. Niet voor niets wordt over de afstand van veertig kilometer 2,5 uur gedaan. De route gaat voor een grootgedeelte langs rubber- en palmolie plantages. Vooral de laatste is erg in opkomst in dit deel van Indonesië en veel rubberplantages worden gekapt voor palmolievelden. Palmolie levert namelijk veel geld op en het is veel eenvoudiger te onderhouden dan rubber. Helaas is het ook slecht voor het milieu. We passeren een aantal gehuchten en een palmoliefabriek. Helaas stoppen we hier niet even. We stoppen wel na twee uur rijden om even de stramme benen te strekken en een heerlijke pisang goreng met kaas en hagelslag te eten. Ondanks dat de route erg mooi is, zijn we het gehobbel wel een beetje zat. In het laatste deel van de tocht gaat de snelheid, ondanks de vele stenen, omhoog en het verwonderd ons dan ook niet dat de scooterrijder van Erwin lek rijd op een scherpe steen. Helaas blijkt het flesje cola aan de buitenkant van Erwin zijn tas ook niet bestand tegen de slechte weg en de vloeistof verspreid zich door de flightbag heen. Erwin moet een stukje lopen voor hij door de andere chauffeur wordt opgepikt en bij Rhianne in een lokaal cafétje wordt gedropt. Het repareren van de band duurt een halfuurtje en dan kunnen we weer verder. Snel gaat het verder wat uit de dreigende wolken vallen de eerste druppels regen. De weg wordt natter, de kuilen dieper en op sommige plaatsen is de brug over een riviertje zo slecht dat we door het water heen moeten. Dan rijden we Tankahan binnen maar ons hostel ligt aan de andere kant van het dorp, als eerste grote druppels vallen zien we de olifanten in een wei staan, naast ons guesthouse. Amper een halve minuut nadat we binnen zijn breekt de hemel open en stort de moessonregen zich op het dak van de ontmoetingsplek. We nemen een bakje thee om bij te komen van het ritje en wensen onze chauffeurs succes, zijn moeten namelijk nog 2,5 uur terug naar Bukit Lawang. Onze kamer is simpel en wordt terplekke schoongemaakt. Stroom hebben we alleen tussen 18.00 en 0.00 uur. Een douche ontbreekt, opfrissen doen we met een teiltje koud water. Doordat er geen andere toeristen zijn, is er weinig te beleven in het guesthouse. Het restaurant is donker en door de regen is het niet echt aangenaam om naar buiten te gaan. We beslissen om lekker op bed in de kamer te gaan eten. Daarna kijken we nog wat foto’s en filmpjes van de afgelopen tijd en als het verslag is bijgewerkt gaan we lekker slapen. 

5 juni. Een nacht zoals we die nog niet gehad hebben. Om half twee s ’nachts schrikken we wakker als er iets op de grond valt. Aangezien we geen elektriciteit hebben, gaan we met de hoofdlamp op onze slaperige koppies op onderzoek uit. Er blijkt een muis uit een van de vele gaten in het bamboeplafond gekomen te zijn, die het voorzien had op onze koekjes. Ook wandelen er twee kakkerlakken rond en dat is voor het eerst deze reis dat we te maken krijgen met deze vorm van ongedierte. Als de koekjes strak dichtgebonden aan de klamboe hangen gaan we opnieuw slapen. Rond vijf uur worden we opnieuw gewekt als de rangers aan hun werk beginnen vlakbij ons guesthouse. Later op de ochtend blijkt de muis ook nog de neusvleugel van Rhianne d’r zonnebril aangevreten te hebben. Het simpele ontbijt nuttigen we in het restaurant boven de rivier. Dan komt onze gids ons halen om naar de olifanten te gaan. Bij de wei blijken er toch meer (Nederlandse) toeristen te zijn in Tankahan dan wij verwacht hadden. We maken kennis met Tim en Cheryl. De olifanten worden uit de wei gehaald en door de rangers naar de rivier gebracht. Er zijn ook twee baby’s van zes en acht maanden en deze zijn best schattig, behalve als ze willen spelen. De rem functioneert nog niet zo best en dat merkt Erwin als een van de olifanten hem een koppie wil geven. De 150 Kg met slurf parkeert Erwin netjes tegen de stenen. Bij de rivier geven we de olifanten een ochtend wasbeurt. Met borstels schrobben we de huid schoon. Als dank worden we getrakteerd op een slurfdouche en kus. In een speciale zitting op de rug van de olifant starten we met de jungletrekking.

Onze slurfvriendje stapt met grote stappen door de bagger en we hobbelen er flink op los. Toch is het echt een belevenis die we niet graag gemist hadden. Na ruim een uur steken we de rivier weer over en krijgt Erwin nog een stortdouche van vier olifanten. Bij lokale mensen kan nog eten gekocht worden maar dat vinden we overdreven, aangezien de beesten meer dan genoeg te eten krijgen, ondanks dat ze 300 kg per dag op kunnen. 

 

Verder lijkt het erop dat de dieren goed behandeld worden hier, de verzorgers gaan rustig met de beesten om en behalve voor toeristenwerk worden de olifanten ook gebruikt voor werk in de jungle. Na de trip gaan we naar het het guesthouse van Tim en Cheryl wat bovenop de heuvel ligt en kletsen nog wat met elkaar. We beslissen over te verhuizen omdat dit dichterbij bij het busstation en mooier is dan ons guesthouse.  Helaas blijkt even later dat dit niet gaat aangezien het vlot over de rivier nog niet gaat voor de bus vertrekt. We moeten dus blijven in ons guesthouse. We merken dat Rhianne nog niet helemaal hersteld is en door de inspanning aardig uitgeteld is. Ze gaat even slapen als Erwin ontdekt dat hij zijn backpack niet goed genoeg heeft schoongemaakt en deze is overvallen door de mieren die de laatste restjes cola willen hebben. Zo erg dat mierenverdelger niet helpt, dan maar volledig wassen. Als hij de tas onderdompelt, realiseert hij twee seconden te laat dat hij vanmorgen de laptop in zijn verder lege tas gestopt had. Oef, het zit niet echt mee. De laptop is een beetje nat en we leggen deze in de zon te drogen en hopen op het beste. Na de grondige schoonmaak gaat Erwin bij de olifanten kijken, deze krijgen een middagwasbeurt tijdens de moessonregen. Hij ontmoet gids Linda uit Indonesië en hij drinkt met haar en haar Duitse gasten thee. Als Rhianne ook weer wakker is gaan we foto’s uitzoeken op de laptop die gelukkig nog opstart. De muis van gisteravond heeft waarschijnlijk geplast boven het plafond en de kamer stinkt soms vreselijk. Met toiletverfrisser halen we de meeste stank weg. Als dan ook nog blijkt dat we slecht eten krijgen, is de maat vol en beslissen we morgen direct terug te gaan naar Medan. Helaas, aangezien van de maximaal drie bussen die per dag gaan, alleen de allereerste gaat, moeten we al om 05.20 uur vertrekken. Het wordt dus wederom een korte nacht. De mensen van ons guesthouse willen geen ontbijt klaarmaken, dus we kopen maar een pak koekjes om de eerste honger te stillen. 

6 juni. De nacht wordt onderbroken doordat Erwin het blijkbaar bedorven eten niet langer binnen kan houden en het in de toiletpot deponeert. Normaal gesproken al minder fijn, zonder elektriciteit met een hoofdlampje, helemaal feest. Ook buik van Rhianne speelt nog maar eens op, wat ook nog een toiletbezoek oplevert. Joepie ook de muis laat weer van zich horen, was het maar vast 04.00 uur. Dit wordt het toch en we maken ons op om te vertrekken. We voelen ons helemaal niet lekker, maar beslissen om toch te gaan, de vier uur durende tocht wordt een grote uitdaging. Achterop twee scooters rijden we naar het informatiecentrum waar ook de bus vertrekt. Al om 05.10 vertrekken we, met een oude rotte bus, in de regen over een bagger slechte weg. Ondanks het gehobbel en vele stoppen kan Erwin nog even de ogen een uurtje sluiten. Dan wordt de bus afgeladen druk, maar de weg gelukkig wat beter. Onderweg worden we nog opgeschrikt door een luide knal, blijkbaar heeft een van de vier achterbanden het begeven. De chauffeur vindt het de moeite niet om te stoppen en we rijden gewoon door. Onze magen houden zich prima alleen gaan de stoelen er niet beter op zitten. Zeker niet nadat de rugleuning van Erwin zijn stoel afbreekt en hij een tijd voorover gebogen moet zitten. In Medan laat de chauffeur nog een nieuwe achterband in en komen eindelijk op het busstation. We horen welke gele bus we moeten nemen naar ons bekende hostel en meetje een beetje hulp vinden we die. Uiteraard moeten wij véél te veel betalen maar stevig afdingen scheelt een stuk. Rond 11.00 uur komen we het guesthouse binnen en gaan direct een poos slapen, wat een tocht. Aan het eind van de middag gaan we met tricyclo richting het immigrasiekantoor om onze paspoorten terug te krijgen. We verwachten nog de nodige problemen, maar niet van dat, zonder problemen krijgen we ons paspoort mét verlengt visum mee. Op de terugweg krijgt ook onze tricyclo een lekke band en gaan we nog even langs de kapper voor Erwin. Voor nog geen euro krijgt hij een strakke kop, wordt geschoren en krijgt nog iets wat lijkt op een hoofdmassage. Heerlijk! Daarna gaan we voor Koen nog even antiekelektra kopen, voor we terug gaan naar het guesthouse. Nog even een burger eten en dan al om 20.00 uur naar bed. Om half 11 nog even gewekt door een invasie aan muggen, maar Deet doet wonderen. 

7 juni. Een klein beetje uitslapen hebben we wel verdiend, zelfs de moskee kan ons niet vroeg wakker krijgen. Na een ontbijtje met heerlijk brood voelen we ons een stuk beter vandaag. Het eerste wat we vandaag regelen zijn de vliegtickets naar Manado voor morgen. In Indonesië kan dat bij de vele ticketbureaus veel goedkoper dan op internet, zelfs een dag van te voren. Wel zijn de prijzen erg fluctuerend en dat merken we. Als onze verkoopster een tweede maatschappij uitzoekt, blijkt binnen 5 minuten de prijs van het eerste ticket wat we vast willen zetten 15 euro duurder. We hebben geen zin om af te wachten of het ticket weer goedkoper wordt en boeken. Na een kleine lunch bij de MC Donalds brengen we nog een bezoek aan de grote moskee die ons s ’ochtends zo vroeg wekt. Van ver weg is de moskee erg mooi, van dichtbij is er sprake van wat achterstallig onderhoud. Het is er erg warm, zeker voor Rhianne die lange kleding en een hoofddoekje moet dragen. Na een rondje gaan we snel weer naar buiten. We doen nog even boodschappen en vermaken ons de rest van de dag in het guesthouse om de website bij te werken, foto’s uit te zoeken en e-mailtjes te sturen.

Geplaatst in Sumatra | 1 Reactie

En dan uitrusten in Kuala Lumpur…???

15 mei. In de beperkte tijd die we hebben in Kuala Lumpur, willen we proberen om bij te komen van ons Hong Kong avontuur, Indonesië verder voorbereiden en ook nog een dag wat zien van de stad. Vandaag beginnen we met uitslapen, we werken de website bij en Erwin gaat naar een blinde masseur. Erg prettig om de stijve spieren een beetje op te rommelen. Dat rommelen, kan de beste man prima en kracht heeft hij ook genoeg. In de middag willen we naar buiten om de benodigdheden voor ons Indonesië visum te halen maar helaas gooit de dagelijkse hoosbui roet in het eten. Als het droog is lopen we naar het centraal station, hier laten we bij de fotograaf pasfoto’s maken met een rode achterkant. In een andere shop worden kopietjes gemaakt van de creditcard en de paspoorten. De kopie van de vluchtgegevens Indonesië uit hadden we al, evenals een overzicht van onze bankrekening. Nu moet het toch genoeg zijn om het visum te krijgen. We eten nog heerlijke nasi en mie in een plaatselijk restaurantje.

16 mei. Om 9.00 uur naar de Indonesische Ambassade. Ondanks dat we alle correcte spullen hebben is het wederom niet mogelijk om ons gewenste 60 dagen visum te krijgen. Aangezien het morgen public holiday is, zijn ze morgen gesloten en gaan ze vandaag eerder naar huis. Wij vertrekken over twee dagen heel vroeg in de morgen, dus wij krijgen ons paspoort anders niet op tijd terug. We beslissen het programma voor Indonesië om te gooien en tussendoor ons 30 dagen visum te verlengen. We maken een wandeling door het grote stadspark om foto’s te maken van de Petronas Towers.

 

Het park is mooi en heeft een grote speeltuin. We verlaten het park voor de shoppingmall onder de torens, voor het doen van onze laatste inkopen. Hier voeren we ook onze Mc Donalds test uit, de hamburger is een beetje droog deze keer maar met 70 cent niet duur en goed belegt. We lopen onder de torens door naar het prachtige 24 uurs toeristencentrum. De naastgelegen chocolaterie is ook een bezoek meer dan waard, al is het maar voor de gratis chocolaatjes die we kunnen proberen, omdat een bus met toeristen is gearriveerd. Met de monorail gaan we naar Sungei Wang Plaza. Hier shoppen we verder aangezien we in het eerste centrum niet alles konden vinden. Erwin koopt, na lang zoeken, zijn derde pet van deze vakantie. Hopelijk is deze een langer leven beschoren. We kopen hier Malarone tabletten (tegen Malaria) aangezien we niet meer genoeg hebben voor Indonesië. In prijs gelijk aan Nederland, maar zonder recept verkrijgbaar. Rhianne koopt bij Padini (www.padini.com) een nieuw shirt en het is een wonder dat het er bij een blijft, aangezien ze wel erg veel leuke dingen hebben daar. Erwin koopt beheerst nog twee nieuwe shirts, verschil moet er wezen. We wisselen nog geld in het grote Time Square Centre. In de zijstraat van de Jalan P. Ramlee street vinden we een lokaal tentje om heel goedkoop en lekker te eten. We moeten even wachten tot de stevige de dagelijkse bui onweer over is en gaan dan naar het hostel.

17 mei. Het is een nationale feestdag vandaag in Kuala Lumpur vanwege een Boeddha die zijn verjaardag viert. Wij hebben geen tijd om te feliciteren aangezien wij nog Indonesië voorbereidingen moeten doen. We slapen een beetje bij, wassen onze broeken en starten met uploaden van filmpjes. Aan het begin van de middag gaan we met de trein, die overigens ook een coupé heeft alleen voor vrouwen, naar de Midvalley shoppingmall. Erwin wil hier bij een tandarts laten controleren of een vulling nog goed is. Helaas de tandarts is door de feestdag vol en heeft geen tijd. Hierdoor krijgen wij de gelegenheid om de erg leuke shoppingmall te bekijken. Volledig onverwacht komen we een geweldige puzzelwinkel tegen die ontzettend mooie puzzels en vooral ook erg moeilijke puzzels verkoopt.

We kijken onze ogen uit, vooral bij de “glow in the dark” puzzels en Koen is ontzettend blij als hij zijn Boeddha puzzel alsnog vind. Die hoop had hij, in China na vele kilometers lopen zonder resultaat, eigenlijk opgegeven. We verplaatsen ons met de skytrain naar de backpackersbuurt Chinatown om eindelijk een tweedehands Lonely Planet van Indonesië te scoren. Helaas deze blijkt ook hier niet verkrijgbaar. Terug in onze eigen buurt eten we nog even bij Old Town White Coffee en kijken naar de verlichte optocht van Boeddha’s verjaardag. Ook vanuit onze hostelkamer kunnen we het vervolg goed zien en vooral het vijftig meter lange Boeddha spandoek vinden we erg mooi. Om 23.00 uur wordt nog steeds getrommeld, maar dan proberen wij inmiddels te slapen, want morgen wacht de vroege vlucht naar Medan op het Indonesische Sumatra. Nee, ook uitrusten in Kuala Lumpur is niet echt gelukt.

Geplaatst in Kuala Lumpur | Laat een reactie achter